Artikelen

Boeddha’s verjaardag

Boeddha’s verjaardag valt dit jaar op 19 mei.

   
De Boeddha’s van verleden, heden en toekomst

Goeroe Poernima, ook bekend als Boeddha Dag, is een religieuze feestdag die traditioneel door boeddhisten op verschillende dagen in Zuidoost-Aziatische landen en andere plaatsen over de hele wereld wordt gevierd. Soms informeel ‘Boeddha’s Verjaardag’ genoemd, herdenkt het eigenlijk de geboorte, de verlichting en de dood van Gautama Boeddha. 

De exacte datum van de geboortedag van Gautama Boeddha (Gautama werd geboren in Lumbini, in het huidige Nepal rond het jaar 563 v. Chr.) is onbekend, maar is gebaseerd op de Aziatische zon-maan kalenders en wordt voornamelijk gevierd in de Vaisakha-maand van de boeddhistische kalender en de hindoe kalender.  In Nepal, dat beschouwd wordt als het geboorteland van Boeddha, wordt het gevierd op de vollemaansdag van de Vaisakha maand van de hindoe kalender, en wordt het traditioneel Boeddha Poernima genoemd, waarbij Poernima de vollemaansdag betekent in het Sanskriet. In landen die de boeddhistische kalender volgen, valt het op een vollemaansdag, meestal in de 5e of 6e maanmaand. De datum varieert van jaar tot jaar in de westerse Gregoriaanse kalender, maar valt gewoonlijk in april of mei. In schrikkeljaren kan het in juni worden gevierd.

Op Boeddha’s verjaardag herdenken boeddhisten over de hele wereld gebeurtenissen die van belang zijn voor boeddhisten van alle tradities: de geboorte, de verlichting en het heengaan van Gautama Boeddha. Toen het boeddhisme zich vanuit India verspreidde, werd het opgenomen in vele vreemde culturen, en bijgevolg wordt de verjaardag van Boeddha over de hele wereld op vele verschillende manieren gevierd. Op Boeddha’s geboortedag worden toegewijde boeddhisten en volgelingen geacht en verzocht zich voor zonsopgang in hun verschillende tempels te verzamelen voor het ceremonieel en eervol hijsen van de boeddhistische vlag en het zingen van hymnen ter ere van het heilige drievoudige juweel: de Boeddha, de Dharma (zijn leer), en de Sangha (zijn volgelingen). Toegewijden mogen eenvoudige offergaven van bloemen, kaarsen en joss-stengels meebrengen om aan de voeten van hun leraar te leggen. Deze symbolische offergaven zijn bedoeld om de volgelingen eraan te herinneren dat, net zoals de mooie bloemen na korte tijd zouden verwelken en de kaarsen en joss-stokken spoedig zouden opbranden, ook het leven onderhevig is aan verval en vernietiging. Toegewijden wordt opgedragen een speciale inspanning te leveren om af te zien van het doden op welke manier dan ook.

De traditie schrijft aan de Boeddha zelf een instructie toe over hoe je hem eer moet bewijzen. Vlak voordat hij stierf, zag hij hoe zijn trouwe dienaar Ananda zat te wenen. De Boeddha raadde hem aan niet te wenen, maar de universele wet te begrijpen dat alle samengestelde dingen (zelfs zijn eigen lichaam) uit elkaar moeten vallen. Hij raadde iedereen aan niet te wenen over het uiteenvallen van het fysieke lichaam, maar zijn leringen (de Dhamma) voortaan als hun leraar te beschouwen, omdat alleen de Dhamma-waarheid eeuwig is en niet onderhevig aan de wet van verandering. Hij benadrukte ook dat de manier om hem eer te bewijzen niet louter bestond uit het offeren van bloemen, wierook en lichtjes, maar uit het waarlijk en oprecht streven om zijn leringen te volgen. Dit is de manier waarop boeddhisten geacht worden feest te vieren: door van de gelegenheid gebruik te maken om hun vastberadenheid te herhalen om een nobele leven te leiden, hun geest te ontwikkelen, liefdevolle vriendelijkheid te beoefenen en vrede en harmonie te brengen aan de mensheid.

Een bijdrage van Antar Marc.

Zarathustra

Zarathustra (Zarathoestra of Zoroaster) was een Iraanse profeet en de grondlegger van het zoroastrisme, een godsdienst die tegenwoordig haar aanhangers vooral vindt onder de Parsi’s in India. Volgens de legenden was de profeet een herder en leefde hij op het platteland. Rond zijn twintigste levensjaar ervoer Zarathustra een crisis en ging hij ronddwalen. Na tien jaar kreeg hij, gezeten aan de oevers van de Oxus een visioen van de god Ahura Mazda.

   Zarathustra

Het is niet duidelijk wanneer hij geleefd heeft. Op taalkundige gronden denkt men tegenwoordig aan de 14e eeuw v.Chr. De godsdienst die hij stichtte, bevat de aanzetten tot een vorm van monotheïsme, of eigenlijk dualisme. Er bestaat een god van het goede (Ahura Mazda) en een god van het kwade (Ahriman). De mens zit ingeklemd tussen de twee en moet trachten voor het goede te kiezen. Dit laatste, het dualisme, is niet de oorspronkelijke vorm geweest van deze godsdienst. Het dualisme is door latere volgelingen ingevoerd. 

Zarathustra was de profeet voor de goede god. Volgens hem is hij de ware god en zijn alle andere goden halfgoden. De mens is geschapen om te strijden tegen de machten van het kwade. Het geloof zit daarom ook niet in het aanvaarden van een leer, maar in het denken, zeggen en doen van het goede.

De leer van Zarathustra is geen bekende religie en heeft naar schatting circa 150.000 aanhangers in hoofdzakelijk landen als India en Iran. Bijzonder is, dat het het oudste, bestaande voorbeeld is van een monotheïstisch geloofssysteem.

Osho over Zarathustra

Het verhaal gaat dat het eerste wat Zarathustra deed toen hij geboren werd, was hard lachen. Kun je je een rebelser kind voorstellen? Kinderen worden niet verondersteld te lachen als ze geboren worden; ze worden verondersteld te huilen, maar niet verondersteld te lachen. Hij moet zijn ouders, de buurt en de mensen die zijn gelach aanhoorden, hebben geschokt. Waarom lachte hij? En zo iemand is niet betrouwbaar, helemaal niet betrouwbaar — dit is een gevaarlijke man! Hij heeft zijn eerste daad van rebellie verricht. Hij heeft al gezegd: ‘Ik ga niet meedoen met de massa — genoeg is genoeg. Veel kinderen hebben gehuild, daar ga ik niet in mee. Ik zal mijn leven beginnen met lachen.’

Of het echt gebeurd is of niet, daar gaat het niet om. In feite is het moeilijk om meteen na je geboorte te lachen, maar het verhaal is veelzeggend omdat het iets zegt over de hele levensfilosofie van Zarathustra: het is er een van grote opstandigheid.

Zarathustra is een van de grootste leraren van de wereld – hij heeft het leven in zijn totaliteit aanvaard. Hij is geen verzaker, hij is tegen verzaking. Dat is de reden waarom de weinige volgelingen van Zarathustra die hebben overleefd, hun oorspronkelijke moederland, Perzië, hebben moeten ontvluchten. Zij moesten wel weggaan, omdat Mohammedanen bezig waren hen onder druk te zetten, hen te bekeren; zij hebben Perzië in een Mohammedaans land veranderd. Perzië staat nu bekend als Iran.

Een paar mensen zijn ontsnapt omdat ze niet bereid waren om dit dwingende geweld te accepteren. Zij gingen naar India; zij leven in Bombay en rond Bombay — de Parsi’s. Zij zijn de enige volgelingen van Zarathustra; het zijn mensen die echt het leven bevestigen. Vandaar dat veel Parsi’s in mij geïnteresseerd zijn geraakt; ik heb een grote aantrekkingskracht op hen omdat ik ook het leven bevestig. Ik ben geen voorstander van wegvluchten.

Het is omwille van Zarathustra’s totale bevestiging van het leven dat Friedrich Nietzsche enorm van hem hield en zijn grote boek schreef, ‘Aldus sprak Zarathustra’. Hij schreef het boek om waardering te geven aan het leven en de liefde voor het leven. Hij kon geen andere meester vinden die het leven zozeer bevestigde als Zarathustra; iemand die zijn leven begint met lachen, wiens hele leven een lach is. Er zit geen pessimisme, zelfs geen greintje pessimisme in hem.

Osho: The Dhammapada Vol 6 #10 vraag 3.

Een bijdrage van Antar Marc.

Krishnamurti in Ommen

Krishnamurti verbleef van 1924 tot 1930 regelmatig op Kasteel Eerde in Ommen (Overijssel). In 2016 is daar een interessante Nederlandstalige documentaire over verschenen, en ik werd geraakt door de opvallende overeenkomsten met de sannyas-beweging van Osho.

Krishnamurti in Ommen

Osho over Krishnamurti

Geliefde Osho,
Hoewel ik de laatste toespraken van Krishnamurti in Bombay niet heb bijgewoond, heb ik gehoord dat hij zich daarin tegen sannyas heeft uitgesproken. Het lijkt alsof deze houding een hulpmiddel is voor zowel zijn werk als het uwe, dat hij niet meent wat hij zegt. Graag commentaar.

Anand Jagdish, J.Krishnamurti is een verlicht man — je hoeft hem niet te verdedigen. Hij meent wat hij zegt, hij is tegen sannyas. Dat is zijn benadering van het leven, een zeer beperkte benadering natuurlijk. Hij heeft een heel tunnel-achtige visie. Natuurlijk is alles wat hij zegt juist volgens zijn tunnelvisie, maar zijn visie is zeer beperkt.
Hij kan zeggen dat sannyas verkeerd is, hij kan zeggen dat ik verkeerd ben. Toch kan ik niet zeggen dat hij verkeerd is, want ik heb een bredere visie, heel inclusief. Als ik kan zeggen dat Boeddha gelijk heeft, Zarathustra gelijk heeft, Lao Tzu gelijk heeft, Tilopa, Atisha, en vele anderen gelijk hebben, dan kan ik ook zeggen dat Krishnamurti gelijk heeft.

   J.Krishnamurti

Ja, er zijn mensen voor wie zijn visie behulpzaam zal zijn, maar dat zijn er maar heel weinig. Eigenlijk zullen de mensen voor wie zijn visie juist is zijn hulp helemaal niet nodig hebben — omdat het bij sannyas gaat om hulp van een meester nodig hebben, hulp van een meester nodig hebben is de basis van discipel-schap. Of je het nu discipel-schap noemt of niet, dat doet er niet toe.
Krishnamurti is erg tegen de woorden discipel en meester. Maar dat is wat hij al vijftig jaar doet. Hij is een meester die zegt dat hij geen meester is. En de mensen die naar hem luisteren en hem volgen zijn discipelen die denken dat ze geen discipelen zijn.

Meer: Krishnamurti in Ommen

Een bijdrage van Antar Marc.

Fietsen als Tjeenk Willink

De politiek bevindt zich op dit moment, na de verkiezingen en op de weg naar een volgend kabinet, in een kritische overgangsfase ten opzichte van ons Parlement en onze Samenleving. De informateur Tjeenk Willink, zichzelf daarin met fietsen stimulerend, typeerde het in zijn eindverslag met een drietal essenties: 1. Herstel van vertrouwen; 2. Een andere bestuursstijl; 3. Geen dichtgetimmerd regeerakkoord.
De visie van Osho m.b.t. het politieke functioneren, het politieke spel is in z’n essentie een unieke mogelijkheid om de politiek naar een hoger en menselijker plan te brengen. (Zoals weergegeven in: I Celebrate Myself, God is No Where, Life is Now Here #3).

 
Tjeenk Willink

Hij zegt daarover: ‘Ik heb al jaren gezegd dat het tijd wordt dat op politici moet worden gelet en dat er op hen moet worden toegezien door psychiaters en psychologen.
Macht corrumpeert en geeft grootheidswaanzin en elke politicus is een gespleten persoonlijkheid. Hij zegt het ene en doet het andere. Hij heeft altijd een masker m.b.t. het zich tonen aan de mensen en zijn ware gezicht is altijd verborgen.’

Meer: Samenleving, Parlement en Politiek.

Een bijdrage van Prem Abhay.

Zen en thee

En waarom een kopje thee? Dit is iets zeer symbolisch voor Zen meesters. Thee werd ontdekt door Zen meesters en thee is voor hen niet iets gewoons. In elk Zen klooster hebben ze een theesalon. Het is speciaal, net als een tempel. Thee is namelijk iets heel religieus voor een Zen meester of een Zen klooster. Thee is net als bidden. Het is door hen ontdekt. 

Als je in India een sannyasin thee ziet drinken, voel je dat hij geen goed mens is. Gandhi stond niet toe dat iemand in zijn ashram thee dronk. Thee was verboden, het was een zonde; niemand mocht thee drinken. Als Gandhi dit verhaal had gelezen, zou hij gekwetst zijn geweest: een verlicht persoon, Joshu, die mensen vraagt, uitnodigt om thee te drinken? Maar Zen heeft een andere houding ten opzichte van thee. De naam zelf komt van een Chinees klooster, Ta. Daar hebben ze voor het eerst thee ontdekt, en ze hebben ontdekt dat thee bij meditatie helpt omdat thee je alerter maakt, het geeft je een zeker bewustzijn. Dat is waarom je het moeilijk vindt om meteen te gaan slapen als je thee neemt. Ze hebben ontdekt dat thee helpt bij bewustzijn, alertheid, dus in een Zen klooster maakt thee deel uit van meditatie. Wat kan Joshu nog meer bieden dan opmerkzaamheid? Als hij zegt, ‘Neem een kopje thee,’ zegt hij, ‘Neem een kopje bewustzijn.’ Thee is zeer symbolisch voor hen. Hij zegt, ‘Neem een kopje bewustzijn.’

Meer: Zen en thee.

Een bijdrage van Antar Marc.

Zen, even serieus…

Het was tijdens de late jaren 1950 en de vroege jaren 1960 dat – behalve de afstammelingen van Aziatische immigranten- ook een flink aantal Westerlingen een serieuze belangstelling voor Zen begon te krijgen. De verschillende boeken over Zen van Paul Reps*, Alan Watts en D.T. Suzuki die tussen 1950 en 1975 werden gepubliceerd, droegen bij aan deze groeiende belangstelling voor Zen in het Westen, evenals de belangstelling van de kant van beat poets als Jack Kerouac en Allen Ginsberg.
* Paul Reps: Zen Flesh, Zen Bones. Bekende koans in de verzameling zijn o.a.
‘Een kopje thee’, ‘Het geluid van een hand die klapt’ en ‘Geen water, geen maan’.


In zijn toespraken spreekt Osho uitvoerig over Zen, in vele verhalen en moppen.

Osho, waarom vertelt u zoveel moppen? Bent u helemaal niet geïnteresseerd in hogere dingen?

Is er iets hogers dan een mop? Dan heb je mijn moppen helemaal niet begrepen! Deze moppen zijn niet zomaar moppen, het is een serieuze zaak!

Paul Reps werd eens uitgenodigd om een lezing te geven aan de Universiteit van B.C. Hij werd aangeprezen als een bekend mysticus en filosoof en auteur van het beroemde Zen Flesh, Zen Bones.
De gelegenheid trok een aantal bekende intellectuelen. Paul Reps zat heel ontspannen in een eenvoudige houten stoel zijn kleine Zen-verhalen te vertellen. Veel mensen in het publiek genoten van de verhalen, maar sommige van de grote intellectuelen raakten verveeld. Tenslotte stond een van de meer geleerde op en zei: ‘Meneer, zou u alstublieft op een wat hoger niveau willen spreken?’
Zonder te pauzeren zette Paul Reps zijn stoel op tafel en ging verder met zijn prachtige Zen-verhalen.

Wil je dat ik dat doe? Ik kan op een zo hoog mogelijk niveau spreken. Ik kan op het dak gaan zitten. Je zult me niet kunnen zien. Dat zal heel esoterisch zijn! Net zoals God in het verleden sprak, vanuit den hoge! Je zult alleen de stem horen… maar ik zal nog steeds die moppen vertellen!

Osho, Walking in Zen, Sitting in Zen #16 vraag 6.

Meer: Zen, even serieus…

Een bijdrage van Antar Marc.

Hindi en Engels

India kent 415 verschillende levende talen. Het Hindi is de primaire officiële taal, die door de federale overheid zelf wordt gebruikt en wordt gebruikt om met staten te communiceren die het Hindi als officiële taal hebben. Het Engels wordt door de federale overheid gebruikt om met staten waar het Hindi niet de officiële taal is te communiceren.
Zoals aangegeven in de grondwet van 1950, hield het Engels in 1965 op te bestaan als een officiële taal, waarna de taal officieel een geassocieerde extra officiële taal werd. De populariteit in het zakenleven, regeringszaken en de populariteit in niet-Hindisprekende staten zorgen ervoor dat het Engels zijn status als extra officiële taal blijft behouden.


Een brief in Hindi van Osho (aan Sohan), 1 feb. 1965.

Hindi is mijn moedertaal; ik hou ervan, maar waarom zou iemand uit Maharashtra Hindi moeten leren of een Telugu of een Tamil Hindi? Voor hen is Hindi net zo vreemd als elke andere taal.
From Darkness to Light # 14 vraag 1.

De mensen zijn niet bereid om welke Indiase taal dan ook te accepteren als de nationale taal. Hindi wordt door de helft van India gesproken; toch zijn ze er niet klaar voor, de andere helft is er niet klaar voor om het als nationale taal te accepteren.
En ik kan begrijpen dat het voor hen een probleem is. Als het Hindi de nationale taal wordt, dan zullen alle andere talen – Bengalees, Assamees, Gujarati, Marathi, Malayanam, Telegu – allemaal het onderspit delven, want in elke nationale concurrentiestrijd is hij, wiens moedertaal het Hindi is, gedoemd om superieur te zijn.
De enige manier is dat het Engels, dat voor iedereen vreemd is, de nationale taal wordt. Elke staat zou dus twee talen moeten hebben, van de laagste school tot de hogeschool, tot de universiteit: het Engels als de nationale taal en de lokale taal als de taal van de staat.
From Death to Deathlessness # 34 vraag 1.

Osho gaf zijn lezingen altijd in het Hindi, totdat hij in het begin van de zeventiger jaren, toen er steeds meer buitenlanders kwamen en in het publiek gingen zitten, zijn lezingen afwisselend in het Hindi en in het Engels begon te geven. Het was één maand lezingen in het Hindi en één maand lezingen in het Engels. Elke 11e van de maand was de wisseling er. Er kwamen veel minder mensen naar de Hindi-lezingen, maar de mensen die wel kwamen en geen Hindi kenden,  ervoeren de Hindi-lezingen als een prachtige meditatie. 

De mensen die mijn boeken van het Engels naar het Hindi vertalen, sturen me voortdurend briefjes: ‘Wat moeten we doen met de grappen?’ En de mensen die mijn Hindi boeken in het Engels vertalen — zij vragen mij steeds weer: ‘Wat moeten we doen met de poëzie?’
Dus zeg ik tegen hen: ‘Als het je lukt, vertaal de poëzie dan in proza. Als je dat niet kunt, laat het dan weg.’
En tegen de mensen die van het Engels naar het Hindi vertalen zeg ik gewoon: ‘Je kunt niets doen, behalve die grapjes weglaten.’ Indiërs zullen helemaal gek worden – ze zijn al gek op mij. 
Isan: No Footprints in the Blue Sky # 1 vraag 1.

Een bijdrage van Antar Marc.

De kracht van het vrouwelijke

In de Optimist van maart/april staan een drietal bijzondere artikelen met als titel: ‘Feminiene kracht ontketend’. Exemplarisch hiervoor is het optreden van Amanda Gorman, dichteres, tijdens de inauguratie van president Joe Biden. Haar woorden zorgden voor een gevoel van verbinding en apathie bij velen, zoals:
And so we lift our gazes not to what stands between us, but what stands before us.

   Amanda Gorman
Arienne Klein, psycholoog, typeert het vrouwelijke aldus: ‘Feminiene kracht met vergeten aspecten’. Zij leerde dat wij mensen kunnen kiezen welke kracht we willen versterken in onszelf, ons geboorterecht. Haar model beschrijft de masculiene en feminiene eigenschappen in ieder mens die je kunt ontwikkelen en versterken. 


Dr. Kaouthar Damoni, die promoveerde in genderstudies, heeft in haar tekst als titel: ‘Vrouwelijkheid zal mannen bevrijden’. Ze zegt dat er niet naar een vrouw wordt gezocht om een functie te vervullen maar naar een man in een vrouwelijk jasje. Om het ver te schoppen moet de vrouw vaak voldoen aan het beeld van de conservatieve man. 


Daphne Laan, changemaker, typeert haar visie als volgt: ‘Twee Vleugels om te vliegen’. Zij definieert leiderschap als een combinatie van: targets halen, doelen stellen en aansturen en functioneren met compassie, flexibiliteit en wijsheid.
In haar onderzoek constateert ze een disbalans tussen masculiene en feminiene kwaliteiten. Leiderschap moet opnieuw worden gedefinieerd. Moderne technologie moedigt ons aan om te doen in plaats van te zijn.

Meer: De kracht van het vrouwelijke

Een bijdrage van Prem Abhay.

Spiritualiteit

Van oudsher verwijst spiritualiteit naar een religieus proces van hervorming dat erop gericht is de oorspronkelijke gestalte van de mens terug te vinden, gericht op “het beeld van God” zoals dat wordt belichaamd door de stichters en de heilige teksten van de godsdiensten van de wereld.
In de moderne tijd ligt de nadruk op de subjectieve ervaring van een sacrale dimensie en de diepste waarden en betekenissen op grond waarvan mensen leven, vaak in een context die losstaat van georganiseerde religieuze instellingen. Moderne systemen van spiritualiteit kunnen een geloof in een bovennatuurlijk (buiten het bekende en waarneembare) rijk, persoonlijke groei, een zoektocht naar een ultieme of heilige betekenis, religieuze ervaring, of een ontmoeting met iemands eigen “innerlijke dimensie” omvatten.  


Niet alle moderne opvattingen van spiritualiteit omhelzen transcendentale ideeën. Seculiere spiritualiteit legt de nadruk op humanistische ideeën over morele inborst (kwaliteiten als liefde, mededogen, geduld, verdraagzaamheid, vergevingsgezindheid, tevredenheid, verantwoordelijkheid, harmonie, en zorg voor anderen). Dit zijn aspecten van het leven en de menselijke ervaring die verder gaan dan een zuiver materialistische kijk op de wereld, zonder noodzakelijkerwijs het geloof in een bovennatuurlijke werkelijkheid of goddelijk wezen te aanvaarden. 

De betekenis van spiritualiteit heeft zich in de loop van de tijd ontwikkeld en uitgebreid, en er zijn verschillende connotaties naast elkaar te vinden. De term “spiritualiteit” ontwikkelde zich oorspronkelijk binnen het vroege Christendom, verwijzend naar een leven gericht op de Heilige Geest, terwijl in de moderne tijd de term zich zowel verspreidde naar andere religieuze tradities als verbreedde om te verwijzen naar een breder scala van ervaringen, waaronder een scala van esoterische tradities.

Meer: Spiritualiteit

Een bijdrage van Antar Marc.

Kunst en meditatie

U zegt: een schilderij schilderen, een gedicht schrijven en een wetenschappelijk probleem oplossen geven allemaal dezelfde vreugde. Dezelfde vreugde! 


Japan, 15e eeuw.

In Westerse schilderijen zie je dat het hele doek gevuld wordt. In zen-schilderijen is slechts een klein deel van het doek gevuld, en het resterende deel is leeg. Het lijkt op verspilling: als je zo’n klein schilderij gaat maken, waarom dan geen klein doek gebruiken? Waarom zo’n groot doek gebruiken dat de hele muur bedekt, om alleen in een hoekje een klein schilderij te maken? Maar de zen-mensen zeggen dat het eenmaal zo is: ‘Er is zo veel leegte overal om ons heen. Heel de lucht is leeg — hoe kunnen we de lucht weglaten? Als we de lucht weglaten is het schilderij niet waar.’


Holland – Paulus Potter, De stier (1647) 235x 339 cm.

Nu heeft geen enkel westers schilderij die visie, dat we omringd zijn door leegte: de aarde is heel klein, de mensheid een heel klein deel van de aarde, en oneindige leegte rondom…. Om waar te zijn, om existentieel waar te zijn, kan de leegte er niet uit worden gelaten, moet ze er zijn. Dit is een andere visie, van een andere kant bekeken.

Meer: Kunst en meditatie

Een bijdrage van Antar Marc.