Nieuw

Vrouwen zijn geen eigendom

Morarji Desai heeft in een interview aan Sunday gezegd: ‘Osho legt de nadruk op de socialisering van vrouwen. Hij zei: “Net zoals prostituees gesocialiseerd worden, wil hij dat alle vrouwen gesocialiseerd worden.”
Hij heeft ook gezegd: ‘Osho gaat nog verder en zegt dat het huwelijk niet nodig is. Osho pleit ook voor vrije seks.’
Wat zegt u ervan, geliefde meester?

Morarji Desai is een seksist. Vrouwen zijn geen eigendom, hoe kunnen ze dus publiek of privé zijn? Wat is een man, publiek of privé? Als mannen geen publiek eigendom of privé eigendom hoeven te zijn, waarom zouden vrouwen dan publiek eigendom of privé-eigendom moeten zijn? Het hele idee is gebaseerd op seksistische houdingen.
Morarji Desai vertegenwoordigt alles wat verrot is in het menselijk verleden. Dit zijn de twee houdingen die mannen over vrouwen hebben ingenomen; beide zijn verkeerd.

Karl Marx en Engels hebben hier enig inzicht in. Ze zeggen dat toen het eigendom van dingen ontstond, tegelijkertijd het eigendom van vrouwen ontstond. De man-vrouw relatie ontstond als bijproduct van privébezit. Vandaar dat Marx en Engels voorstander waren van het socialiseren van vrouwen. Dat is van de ene stommiteit naar de andere, maar het basisidee is hetzelfde, dat de vrouw eigendom is. Of ze behoort haar hele leven toe aan een bepaalde man, dan is ze een echtgenote. Of ze is eigendom van een man voor één enkele nacht, dan is ze een prostituee.
Wat is het verschil tussen een prostituee en een echtgenote? Het ene is een tijdelijke regeling, de ander is iets permanenter. Het huwelijk is een permanente vorm van prostitutie; diep van binnen is het niet anders. Vandaar dat huwelijk en prostitutie allebei samen hebben bestaan.

.Als je je erin verdiept, is het het huwelijk dat prostitutie heeft gecreëerd. En prostitutie zal nooit uit de wereld verdwijnen tenzij het huwelijk verdwijnt; het is de schaduw van het huwelijk. Sterker nog, prostituees hebben het huwelijk gered. Het is een veiligheidsmaatregel: de man kan eens in de zoveel tijd, voor de verandering eens naar een andere vrouw gaan, een prostituee, om zo zijn huwelijk en de duurzaamheid ervan te redden.
Dat is wat er door de eeuwen heen is gedaan. De prostituee was er om jou en je huwelijk te redden. Dus als je huwelijk op de klippen liep, kon je altijd naar de prostituee gaan. Als je je verveelde bij je vrouw, als je haar beu was, gewoon om opgefrist te worden, kon je naar de prostituee gaan en dan ging het weer lekker met je eigen vrouw. De prostituee was een soort vakantie.

Mensen die denken dat prostitutie tegen het huwelijk is, hebben het helemaal mis. Prostitutie is de andere kant van dezelfde medaille: aan de ene kant is het huwelijk, aan de andere kant is het prostitutie. Daarom bestaat het huwelijk al minstens vijfduizend jaar, maar zijn mensen niet in staat geweest om van prostitutie af te komen – dat kunnen ze niet. Er is een logische relatie, ze zijn van elkaar afhankelijk. Als prostitutie simpelweg gestopt wordt, zullen huwelijken uit elkaar vallen. De prostituee is als een lijm, ze helpt je om je niet te vervelen met je vrouw. Maar beide zijn gebaseerd op het idee van eigendom.

   In China was het eeuwenlang de regel dat een man niet als een moordenaar werd beschouwd als hij zijn vrouw doodde. Hij kon niet gestraft worden door de rechtbank, omdat de vrouw zijn eigendom was. Het is je recht om je stoel te vernielen, of als je je huis wilt slopen hoeft niemand anders zich ermee te bemoeien.
Eeuwenlang is de vrouw als eigendom beschouwd. In India heb je er zelfs woorden voor: de vrouw staat bekend als NARI SAMPATTI, het vrouwelijk eigendom. Wanneer een meisje trouwt, wordt er gezegd dat de vader het meisje cadeau doet: KANYADAN. De vrouw is als een ding behandeld. Daar ben ik tegen.

Wie heeft Morarji Desai verteld dat ik wil dat vrouwen gesocialiseerd worden? Dat moet zijn gevolgtrekking zijn geweest. Ik heb dat nooit gezegd. Het is niet nodig om te socialiseren, want dat is weer vrouwen op een onmenselijke manier behandelen. Dat was het idee van Engels en Marx, omdat ze reactionair waren. Ze reageerden tegen privébezit. Dus net zoals fabrieken genationaliseerd, gesocialiseerd en eigendom van de staat moesten worden, op precies dezelfde manier zou alles wat privé was eigendom moeten zijn van de samenleving. Ze stelden voor dat de vrouw eigendom van de maatschappij zou worden. Alles wat eigendom was van personen moest nu eigendom worden van de staat of van de maatschappij.

Ik ben geen communist, ik ben een anti-communist. Mijn hele benadering is dat de vrouw geen ding is, de vrouw is een mens, net zo goed als Morarji Desai.
Niemand hoeft iemand anders te bezitten. Noch de man hoeft de vrouw te bezitten, noch hoeft de vrouw de man te bezitten. Het hele idee van eigendom is lelijk, gewelddadig en vernederend. Ik heb dit nooit gezegd. Maar er gaan duizend en één geruchten in dit land over mij, wat ik zeg, wat ik hier doe. Dit is iets vreemds. Die mensen komen nooit hier om te zien wat er gebeurt; ze blijven in de geruchten geloven.

Ten eerste: de vrouw is anders dan de man, maar niet ongelijk. Ze heeft gelijke rechten. Het verschil is er en het verschil is mooi en het verschil moet je onderhouden.
Nu is er een tendens in het Westen om het verschil te vernietigen. En altijd wanneer er iets in de mind begint te gebeuren, heeft dat onmiddellijk invloed op het lichaam. De Westerse vrouw verliest veel vrouwelijkheid. Vooral van de vrouwenemancipatie komt het idee: vernietig de verschillen, alleen dan kun je gelijk zijn.

Dat is onzin. Je kunt verschillend EN gelijk zijn. De roos is anders dan de lotus, maar ze hebben evenveel recht om in de zon te staan en om in de wind en de regen te staan; ze hebben evenveel recht om te bestaan. Ze zijn verschillend en hun verschil is mooi; het maakt het leven rijk, het geeft afwisseling.
Mannen en vrouwen ZIJN verschillend en ze moeten verschillend blijven, want dat is de reden voor hun aantrekkingskracht tot elkaar. Als ze teveel op elkaar gaan lijken verliezen ze die aantrekkingskracht. Ze moeten lijnrecht tegenover elkaar staan, ze moeten zo ver mogelijk van elkaar afstaan, zodat het mysterie blijft bestaan en het verlangen om elkaar te ontdekken blijft.

Meer: Unio Mystica Vol 1 #10 deel 2

Image by Awala Micheal from Pixabay

Erbij willen horen

Deze weken staan in het teken van de soefi’s. Osho bespreekt de poëzie van de Perzische mystieke dichter Hakim Sanai. Vorige afleveringen hiervan zijn te vinden op Unio Mystica.

Een paar experimenten van Henry Tajfel aan de Universiteit van Bristol hebben onverwachte resultaten opgeleverd. Schooljongens in de leeftijd van veertien tot vijftien jaar werden onderworpen aan een snelle en psychologische neptest; daarna kreeg elke jongen te horen dat hij ofwel een ‘Julius persoon’ was of een ‘Augustus persoon’ was. Er werd geen uitleg gegeven over de kenmerken van de Julius of Augustus mensen, noch wisten de jongens wie de andere leden van hun groep waren. Niettemin identificeerden ze zich snel met hun fictieve groep, trots dat ze een Julius of een Augustus persoon waren, in die mate dat ze bereid waren om financiële offers te brengen ten gunste van hun anonieme groepsbroeders en om ongemak te veroorzaken in het andere kamp. 

Tajfel zegt dat je iemands gedrag voorspelbaar kunt veranderen, alleen maar door hem te vertellen dat hij bij een groep hoort – zelfs een groep waarvan hij nog nooit heeft gehoord. Bijna automatisch geeft de deelnemer in deze experimenten de voorkeur aan anonieme leden van zijn eigen groep en, als hij de kans krijgt, zal hij waarschijnlijk zijn best doen om leden van een andere groep te benadelen.
Mensen zullen opkomen voor de groep waarin ze zijn ingedeeld, zonder enige indoctrinatie over wie er nog meer in de groep zitten of wat de kwaliteiten van de groep zouden moeten zijn.
Alleen door de volledige betekenis te begrijpen van de positieve en snelle neiging van menselijke wezens om zich te identificeren met elke groep waarin ze zich bevinden, kan men een stevige basis leggen van waaruit men op zoek kan gaan naar de oorsprong van vijandigheid.

Deze experimenten van Henry Tajfel zijn van enorm belang. Mensen houden ervan om erbij te horen. En wanneer iemand als Jezus komt, ontwortelt hij je uit je groep. Jezus komt en hij neemt je mee uit je gemeenschap van de Joden. Hij begint iets nieuws, dat geen verleden heeft, geen geschiedenis, geen respectabiliteit. Hij begint gewoon vanaf ABC.
Die paar mensen die Jezus volgden moeten wel integer zijn geweest, anders zouden ze hem niet gevolgd zijn — want Jezus volgen betekende dat ze geen deel meer zouden uitmaken van de Joodse gemeenschap waarin ze waren geboren en geïndoctrineerd, en waartoe ze altijd hadden behoord. En ze waren er altijd trots op geweest dat ze Joden waren, het uitverkoren volk van God. Ze hadden altijd geloofd dat ze speciale mensen waren.
Nu komt hier de zoon van een timmerman, Jezus, zonder iets van belang in zijn verleden, een zwerver, en hij begint een groep mensen om zich heen te verzamelen.

Deze groep is zo nieuw dat het tijd zal kosten voor mensen om erbij te horen; dat zal pas gebeuren als Jezus er niet meer is. Maar als Jezus weg is, is het zinloos. Ongeveer tweehonderd, driehonderd jaar nadat Jezus stierf, begon het christendom zelf een speciale groep worden. Toen waren mensen blij om erbij te horen. Nu zijn miljoenen blij om bij het Christendom te horen. Mensen horen er graag bij. 
Als je nu naar mij toekomt, zul je je verbondenheid verliezen. Je zult alleen komen te staan. En je gaat met iemand mee die geen verleden heeft, geen traditionele steun. Het zal een absoluut nieuwe onderneming zijn, riskant. Het is een gok. En mensen horen zelfs graag bij fictieve groepen — wat te zeggen van religies?

Arthur Koestler zegt: ‘Ik vond deze experimenten van Henry Tajfel buitengewoon onthullend, niet alleen op theoretische gronden, maar ook om persoonlijke redenen, die verband houden met een episode uit mijn kindertijd die me me altijd heeft verbaasd en geamuseerd.
Op mijn eerste schooldag, vijf jaar oud, in Boedapest, Hongarije, kreeg ik van mijn toekomstige klasgenoten de cruciale vraag: ‘Ben je een MTK of een FTC?’ 
Dat waren de initialen van twee toonaangevende voetbalteams, eeuwige rivalen om het kampioenschap van de competitie, zoals elke schooljongen wist — behalve ik, die nog nooit naar een voetbalwedstrijd was geweest. Maar het was ondenkbaar om zo’n vreselijke onwetendheid te bekennen, dus antwoordde ik met hooghartige zekerheid: ‘MTK, natuurlijk!’

En zo was de teerling geworpen: voor de rest van mijn jeugd in Hongarije, en zelfs toen mijn familie naar Wenen verhuisde, bleef ik een vurige en trouwe supporter van MTK. En mijn hart gaat nog steeds naar hen uit, helemaal aan de andere kant van het IJzeren Gordijn. Bovendien hebben hun roemrijke blauw-wit gestreepte shirts nooit hun magie verloren, terwijl de vulgaire groen-witte strepen van hun onwaardige rivalen me nog steeds met afschuw vervullen.
Ik ben zelfs geneigd te geloven dat deze vroege bekering ertoe heeft bijgedragen dat blauw mijn favoriete kleur is geworden. De lucht is immers blauw, een primaire kleur, terwijl groen slechts het product is van zijn vermenging met geel. Ik lach misschien wel om mezelf, maar de emotionele band, de magische band, is er nog steeds en het zou regelrechte godslastering zijn om mijn loyaliteit van de blauw-witte MTK te verleggen naar de groen-witte FTC.

Echt, we nemen onze loyaliteiten over als besmettelijke ziektekiemen. Erger nog, we gaan onbewust van deze pathologische aanleg, die de mens van de ene historische ramp in de andere lokt, door het leven.
Je komt naar me toe — je hebt je hele leven al bij een groep gehoord. Je bent een hindoe, een mohammedaan, een christen, een jood geweest. En dit zijn geen gewone groepen zoals voetbalteams — ze indoctrineren, vanaf het allereerste begin beginnen ze je te conditioneren. Er zit een grote conditionering in je.

Meer: Osho, Unio Mystica Vol. 1 #10 deel 1

Image by bottomlayercz0 from Pixabay 

Ik heb je niet nodig, ik hou van je

Deze weken staan in het teken van de soefi’s. Osho bespreekt de poëzie van de Perzische mystieke dichter Hakim Sanai. Vorige afleveringen hiervan zijn te vinden op Unio Mystica.

Er is geen ik en geen jij. Dit is ADAB, Soefi’s noemen het ADAB: in de aanwezigheid van de meester zijn, zien en voelen dat er geen ik en geen jij is.
Voel het nu! Ik ben hier niet alleen om met je te praten over grootse dingen, ik ben hier om je te laten proeven van die grootse dingen. Zelfs als je er voor een enkel moment niet bent als jij, en je mij niet los van jou ziet, als we zelfs voor een enkel moment worden overbrugd – op dat moment zul je grote zegeningen zien neerdalen. Dat is de genade van het samenzijn met een meester.


En het is gemakkelijker om je ‘ik’ en ‘jij’ te laten vallen bij een meester dan ergens anders. Waarom? Waarom kan je het nergens anders laten vallen? Omdat ergens anders twee personen het moeten laten vallen en het ingewikkeld zal worden. En twee personen zullen het tegelijkertijd moeten laten vallen, alleen dan kan er een vluchtig moment van vreugde zijn. Met de meester is het mogelijk omdat er aan één kant, de kant van de meester, geen ‘ik’ is, geen ‘jij’. Dus het halve werk is al gedaan. Nu ligt het alleen nog aan jouw kant. Dus wanneer je je ‘jij’, je ‘ik’ kunt laten vallen, ben je onmiddellijk in contact, ben je onmiddellijk overbrugd.
De meester is een afwezigheid. Wanneer je een afwezigheid wordt, lossen twee nullen in elkaar op. Twee nullen kunnen niet gescheiden blijven. Twee nullen zijn geen twee nullen; twee nullen worden één nul.

Een paar dagen geleden zei ik nog dat er van mijn kant geen relatie is, de relatie tussen een meester en een leerling is eenrichtingsverkeer. Chetna heeft me een prachtige brief geschreven waarin ze zeigt: ‘U hebt het heel mooi gezegd, het was een pil met een suikerlaagje, maar hij is in mijn keel blijven steken.’
Chetna, drink een beetje meer van mij, zodat het door je keel heen kan. Drink een beetje meer van mij, drink een beetje meer van deze afwezigheid, drink een beetje meer van degene die NIET is. Ik begrijp het, het doet pijn. Het is een bittere pil, ook al is hij met een suikerlaagje bedekt. Het doet pijn om te voelen dat de relatie alleen van jouw kant komt en niet van de kant van de meester. Je zou willen dat de meester jou ook nodig heeft. Je zou willen dat ik tegen je zei: ‘Ik heb je nodig, ik hou heel veel van je.’
Ik begrijp je behoefte, maar dat zal niet echt zijn. Ik kan alleen zeggen: ‘Ik heb je niet nodig, ik hou van je.’

Behoefte bestaat alleen bij het ego. Ik kan geen relatie met jou aangaan, omdat ik niet ben. Je kunt met mij in relatie treden, omdat jij er nog steeds bent. Omdat jij er bent kun je een relatie met me blijven aangaan, maar die relatie zal slechts zo-zo, lauw blijven.
Als jij ook verdwijnt zoals ik verdwenen ben, dan zal er een ontmoeting zijn – geen relatie, maar een samensmelting. En relatie kan niet bevredigen. Je hebt zoveel relaties gekend: wat is daardoor gebeurd? Je hebt liefgehad, je bent vrienden geweest, je hebt je moeder en vader liefgehad, je broer en zus, je hebt je vrouw liefgehad, je man, je vrouw. Je hebt zo vaak liefgehad, je hebt zo vaak relaties gecreëerd. En weet je, elke relatie laat een bittere smaak in je mond achter. Het maakt je niet tevreden. Het bevredigt je misschien even, maar dan is er weer ontevredenheid. Misschien troost het je, maar opnieuw blijf je achter in de kilte van eenzaamheid.
Relatie is niet het echte. Het echte is gemeenschap, het echte is versmelting. Wanneer je een relatie aangaat, ben je afgescheiden, en in afscheiding blijft het lelijke, kwaadaardige en kwelling scheppende ego achter. Het verdwijnt alleen in de versmelting.

Dus, Chetna, drink een beetje meer van mijn afwezigheid, drink een beetje meer van mijn liefde die jou niet nodig heeft. En dan zal de pil door je keel gaan en zul je in staat zijn hem te verteren. En er zal een dag komen, de grote dag, waarop jij ook van mij zult houden en mij niet nodig zult hebben.
Wanneer twee personen van elkaar houden en beiden elkaar niet nodig hebben, krijgt de liefde vleugels. Het is niet meer gewoon, het is niet meer van deze wereld, het behoort tot het hogere. Het is transcendentaal.

Meer: Osho, Unio Mystica Vol. 1 #9 deel 3