Reizen

Heilige mannen in as

Miljoenen Indiase heilige mannen en ook vrouwen komen elke vier jaar bij elkaar in wat de Kumbha Mela heet. Elke drie jaar vindt deze gigantische samenscholing plaats op een andere pelgrimsplaats. Elsja en ik waren erbij in de plaats Haridwar, aan de oever van de Ganges, in de voetheuvels van de Himalaya.
De heilige Ganges splitst zich daar in verschillende armen, waartussen zandbanken zijn, die nu vol stonden met grote en kleine tenten. Het krioelde van heilige en minder heilige mensen. Wij besloten om het omheinde kamp van de Naga Babas te bezoeken.
Naga Babas zijn heilige mannen die zich helemaal insmeren met as en verder geen kleren dragen.

Ze zien er vervaarlijk uit, als grijze zombies met witte horizontale strepen op voorhoofd en armen, symbool van aanhangers van de god Shiva. Ze dragen hun haar torenhoog op het hoofd en kralensnoeren om de hals en hebben grote koperen drietanden bij zich. Ze staan bekend als rebels en kunnen, wanneer geprovoceerd, gevaarlijk zijn. De hele dag roken ze ganja (wiet) in chillumpijpen. Hun tenten stonden in keurige rijen naast elkaar, met voor elke tent een kampvuurtje. Ondanks hun woeste uiterlijk groetten de Babas ons vriendelijk, met brede grijnzen vol wit-blikkerende tanden. Sommige pelgrims gingen bij een Baba aan het vuur zitten om raad te vragen voor een paar roepies beloning.
Meer: Sanatan 15

Met de trein door de Nubische woestijn

Op wereldreis was ik in Khartoum, de hoofdstad van Soedan, de Noorse Mariya tegengekomen. Het klikte goed tussen ons en we besloten samen naar Europa te reizen. We kochten tickets voor de trein die dwars door de Nubische woestijn naar het Aswan stuwmeer zou gaan, waar we op de boot naar Egypte konden stappen.
Het was een oude trein met een stoomlocomotief en het voelde alsof we in de film‘Lawrence of Arabia’ zaten. Er zat geen glas in de ramen en na een paar uur kon je niet meer zien wie zwart, bruin of blank was. Iedereen was grijsgeel geworden van het woestijnstof. In de trein hadden de meeste reizigers de lange Soedanese djellaba aan, die heel luchtig zit. Wij ook, want het was ver boven de dertig graden. Buiten snelde de vlakke woestijn aan ons voorbij, met hier en daar doornbosjes, kamelen en kleine dorpjes als slordig over het landschap uitgestrooide blokken van leem. De reis duurde de hele dag.
Meer: Sanatan 14

 De woestijn in Soedan.

De marmerrotsen bij Jabalpur

Osho had ook verteld dat een nabije grote rivier door een kloof stroomde van hoge witte marmerrotsen. Bij volle maan was dat een magisch gezicht. Het was bijna volle maan en met een paar sannyasins van het centrum huurde ik in een dorpje een boot met roeier die met ons bij het volle maanlicht langzaam door de kloof voerde. Er was weinig stroming. Naarmate we de hoge witte rotswanden naderden en de maan hoger kwam, kwamen we op een plek waar marmerrots aan beide kanten reflecteerden in het zilveren maanlicht. Het was alsof het witte marmer zelf licht gaf. Een mysterieus wit licht, als een mengeling van melk en zilver, diffuus en toch helder. Een fascinerende magische schoonheid, als in een sprookje. Mijn Indiase medepassagiers slaakten uitroepen van bewondering en praatten door elkaar, wat weerkaatst werd door de marmeren wanden. Ik stelde voor om stil te zijn en te mediteren op deze schoonheid. Iedereen vond dat een goed idee en zo konden we deze bijna bovennatuurlijke pracht, in stilte, diep op ons laten inwerken. Ik bedacht dat Osho hier ook zo gevaren had tussen de marmeren rotsen. Een onvergetelijke ervaring die ik nu met hem deelde.
Meer: Sanatan 13

Pathika en Abhilasha waren op reis door India ook bij de ‘marble rocks’ bij Jabalpur geweest. Hun foto’s geven een indruk van de mystieke schoonheid van deze plek.

Never born, never died

Het was 19 januari 1990 en ik zat in de meditatiehal van de ashram in Poona met honderden andere sannyasins, te wachten op de komst van Osho. Het was de dagelijks White Robe Brotherhood bijeenkomst en wij waren allen in het wit. De gezondheid van de meester was zo broos, dat hij vaak niet kwam. Dan werd een scherm neergelaten en keken we naar een video van hem. Op de voorste twee rijen, voor het podium, zaten altijd de vaste medewerkers van de ashram, ook wel de ‘Angels’ genoemd. Het viel mij op dat die rijen nog leeg waren. Zou er iets zijn? Ondertussen speelde de band  mooie muziek. Opeens kwamen door de ingang naast het podium alle Angels tegelijk binnen. Niet grappend en vrolijk zoals gewoonlijk, maar met ernstige gezichten. Het rumoer in de zaal verstomde. De muziek stopte. De lijfarts van Osho, Amrito, beklom het podium met een handmicrofoon. Het werd doodstil en de spanning was voelbaar. In precieze, duidelijke bewoordingen kondigde Amrito aan dat hij slecht nieuws had. Osho was een paar uur geleden overleden, rustig en in volle bewustzijn.
Lees meer: Sanatan 12

Never born, never died

Met Osho in Poona 2

Na het avontuur van Rajneeshpuram en een vergeefse wereldtour om een nieuw land voor een internationale commune te vinden, was Osho teruggekeerd naar de ashram in Poona. Een nieuwe fase met de bijnaam: Poona 2.
Nu hij daar weer bereikbaar was, wilde ik naar India, maar mijn hoofdredacteurschap bij de Rajneesh Times blokkeerde dat. Het blad kwam eens in de twee weken uit en ik was verantwoordelijk. Ik adverteerde voor een nieuwe redactie en die werd na twee maanden geïnstalleerd. Ik was vrij, maar had weinig geld. Met hulp van vrienden scharrelde ik voldoende bij elkaar om naar India te gaan en daar enige tijd te blijven. Ik besloot de commune te verlaten en kocht een ticket Bombay. Moe van de druk van headlines en deadlines van de krant, ging ik eerst naar Goa om uit te waaien, bij te kleuren en te mediteren op de verre horizon van de Indische Oceaan.


 
Na twee maanden voelde ik me uitgerust en sterk en nam de rammelende, tochtige nachtbus naar Poona. In een sannyashuis kon ik goedkoop een reserve keukentje huren als kamer. Ik legde een matras op de grond en was de enige met stromend water op de kamer. Ik had gehoord dat als je bij de ashramkeuken werkte, je gratis etensbonnen kreeg en dus meldde ik me daarvoor aan. Heerlijk werk: koken, afwassen, tafel dekken en ruimen, eetvloeren boenen. Zonder enige verdere verantwoordelijkheid.
Het ontroerde me om Osho weer te zien in een nieuwe, pas gebouwde meditatiehal met een vloer van wit marmer onder een grote koepel van gespannen wit canvas, met rondom muren van klamboe dat de avondbries naar binnen liet en de muggen buiten.
Meer: Sanatan 11

Het einde van Rajneeshpuram

Er is veel geschreven over de gebeurtenissen die hebben geleid tot het einde van Rajneeshpuram, de experimentele commune van Osho in de staat Oregon in de  Verenigde Staten. In grote, ruw geschetste lijnen kwam het hierop neer.
Oregon bleek een van de meest conservatieve en christelijke staten te zijn van Amerika, waar de Ku Klux Klan het laatst werd verboden. Men was daar helemaal niet blij met de komst van Osho en zijn sannyasins en de bouw van Rajneeshpuram werd op alle mogelijke manieren tegengewerkt met rechtszaken. Op de juridische afdeling van de Ranch werkten 100 mensen.

   Gearresteerd door de FBI.
Osho sprak niet in het openbaar en zijn secretaresse Sheela was zijn woordvoerder, een machtige positie. Zij was goed voor de opbouw, maar trok steeds meer macht naar zich toe. Tot aan een afluisternetwerk, inclusief het verblijf van de meester. Veel van ons dachten dat als je verlicht was, je ook helderziend en alom wetend zou zijn. Maar Osho zei later: verlichting betekent dat ik weet wie ik werkelijk ben, niet dat ik weet dat ik afgeluisterd wordt.
Rajneeshpuram kreeg in Oregon alleen maar negatieve pers. Als tegenwicht werd de Rajneesh Times in het leven geroepen. Eerst alleen in Amerika, later ook in o.a. Duitsland, Nederland, Zweden en Italië , want vrijwel overal was de pers negatief over Osho en zijn sannyasins. De teneur daarvan in Nederland was vaak belachelijk maken met roddel en achterklap.
Meer: Sanatan 10

Naar de Amsterdamse commune

Na een jaar in het rood bij de VN in Nairobi gewerkt te hebben en vervolgens het avontuur van het eerste Internationaal Festival in Rajneeshpuram, reisde ik terug naar Amsterdam. Daar nam ik contact op met de sannyas commune en ik was welkom. De woongemeenschap was gehuisvest in een oude gevangenis aan de Havenstraat. Het was in de zomer van 1982 dat ik op een zonnige zondagmiddag met mijn rugzak en een nog te bouwen IKEA kastje de tuin van de commune in liep. De bewoners die, net als ik, gekleed waren in schakeringen rood met een mala, zaten op bankjes of liepen rond. Ze keken mij nieuwsgierig aan en een jongen nam me mee naar de receptie, waar ik me liet inschrijven. Een meisje ging me voor naar een cel op de eerste verdieping, waar ik voorlopig zou wonen. De cel had een rondlopend, gewelfd plafond, als een tunnel. Muren en plafond waren van fris gewitte bakstenen. Er was een klein raam met vuistdikke venstertjes dat niet open kon en een beetje hemel liet zien. Ik kreeg een matras die ik opmaakte met een meegebracht laken en een slaapzak. Ik zette het kastje in elkaar en vulde het met kleren, boeken en een foto van Osho en een cassettespeler voor zijn muziek en lezingen. Nu was ik echt deel geworden van het experiment van Osho: een leefgemeenschap vormen van meditatieve mensen met een innerlijke harmonie.
Maar zo ver waren we nog lang niet.
Lees meer: Sanatan 9

 

   Gevangenis aan de Havenstraat.

 

Afscheid van Rajneeshpuram

Te snel liep het Eerste Internationale Festival in Rajneeshpuram, Oregon, VS, ten einde. Net als zoveel andere sannyasins wilde ik daar het liefst blijven, bij Osho, zoals dat ook in Poona het geval was. Maar de strenge Amerikaanse immigratieregels maakten dat vrijwel onmogelijk. En het was niet de bedoeling om een nieuwe commune op te zetten met honderden illegale buitenlanders. Sommige sannyasins wilden proberen om op eigen krachten, buiten de Ranch om, een legale status en groene kaart te bemachtigen en daarmee naar Rajneeshpuram terug te keren. Anderen gingen terug naar Europa, Australië en Latijns Amerika, waar in veel landen en steden steeds meer communes ontstonden. Ook in Amsterdam. Ik had gehoord dat de sannyasins daar van de gemeente een oude gevangenis gehuurd hadden aan de Havenstraat en daarin een commune hadden opgezet. Men had mij verzekerd dat ik er welkom was.
Het festival had ons allemaal het gevoel gegeven dat we een wereldorganisatie waren. Een internationale broederschap, geïnspireerd door Osho. Dat we iets zouden kunnen veranderen in de wereld. Meer vrede, liefde en harmonie. Zo voelde ik dat heel sterk. Met weemoed namen we afscheid van onze Meester en in de bussen terug naar Portland werd door veel mensen een traantje gelaten.
Van Portland nam ik de Greyhound bus naar Seattle, een mooie havenstad benoorden Portland, waar ik vrienden had. Zij vertelden me over de alternatieve Green Turtle bussen, waar je in kon slapen en die een ongewone route reed door mooie natuur en landschappen en die ook geen haast hadden.
Lees meer: Sanatan 8.


      Green Turtle bus.

Eerste grote festival in Rajneeshpuram

Terwijl ik met twee sannyasins in Rajneeshpuram rondreed in de witte pick-up truck ‘White Trash’ om goederen te vervoeren en vuilnis af te voeren, zag ik hoe de vele kampementen met slaap- en eettenten groeide en de enorme prefab meditatie hal zijn voltooiing naderde. Vele duizenden sannyasins vanuit de hele wereld werden verwacht.
Een week voor het begin van het festival kwam de internationale stroom sannyasins op gang. In de avonden werden, in een kantine voor de werkers, beelden vertoond van diverse TV journaals. Het was indrukwekkend. Complete chartervliegtuigen met honderden sannyasins uit de hele wereld kwamen achter elkaar aan. Zwermen rode mensen overspoelden de luchthavens en reisden naar Portland. Achteraf kan ik me voorstellen dat bij sommige autoriteiten de schrik om het hart sloeg. Zeker de conservatieve christelijke harten kregen bijna infarcten. Wie waren die mensen in het rood die vanuit de hele wereld naar een Indiase meester kwamen? Wat wilden ze? Was het misschien een sekte? Waren ze gevaarlijk? Rajneeshpuram stond voor heel Amerika meteen op de kaart. Omdat veel van Osho’s uitspraken als controversieel werden ervaren in de V.S., had hij besloten om voorlopig in stilte te blijven.
Lees meer: Sanatan 7

     Feestje op de Ranch.

Aankomst op Rajneeshpuram, Oregon, V.S.

Na een busreis van vijf dagen dwars door Amerika, kwam ik aan bij het sannyas-centrum in Portland, Oregon. Daar genoot ik de luxe van een douche en matras op zolder. Ik was op weg naar het eerste grote Internationale Festival op Rajneeshpuram. Voor sannyasins uit de hele wereld was het de eerste gelegenheid om Osho weer te zien na zijn plotselinge vertrek uit Poona en dat te vieren. Hoe zou dat zijn? Het was nog drie weken voor het festival en alle hulp was welkom. De volgende dag zat ik in een busje met nog tien sannyasins van allerlei nationaliteit, op weg naar de Ranch, zoals Rajneeshpuram vaak genoemd werd.

Nadat we de havenstad Portland verlaten hadden, reden we spoedig door een dor en droog golvend landschap dat steeds leger werd. Heuvels, na heuvels, na heuvels, als een gestolde zee. Soms zag ik een in elkaar gezakte schuur bij een roestig hek. Het leek een niemandsland. Na enige uren kwamen we bij het piepkleine dorpje Antelope met enige tientallen huisjes van voornamelijk gepensioneerde boeren, uit de tijd dat hier nog veeteelt was. Het enige benzinestation werd bemand door sannyasins in rode shirts en spijkerbroeken, die ook een winkeltje hadden opgezet met versnaperingen.
Hierna reden we nog een paar uur over een slingerende smalle weg door onbewoond land van afgegraasde heuvels met jeneverbesstruiken en salie. Opeens zagen we op een heuvel een in rood geklede cowboy op een paard, die met zijn roze Stetson hoed naar ons zwaaide. Hoera! We naderden de Ranch! Tenslotte stopten we bij een pas opgezet noodgebouw, dat het welkomcentrum in aanbouw bleek te zijn.
Lees meer: Sanatan 6

     World Festival in Rajneeshpuram.