Boekbesprekingen

Geen water geen maan

Het book ‘No Water No Moon’ is een Osho klassieker. Het bevat, zoals de subtitel zegt, 10 onderrichtende verhalen voor iedere dag.
Osho levert de lezers een fris inzicht in Zen en de aard van ware verlichting. Door deze zenverhalen verkent hij de essentie van Zen in al haar schoonheid en mysterie. Er doorheen geweven zijn Zen shocks, Zen tikken en hartelijk lachen, hetgeen lezers uit de sleur van het alledaagse leven naar een staat van bewustzijn van de de essentie van het bestaan en van wie zij werkelijk zijn, doet schudden.

Het boek ‘No Water No Moon’ gaat over de tot verlichting gekomen vrouw Chiyono. Want aangezien de geschiedenis een mannengeschiedenis is, kennen we alleen verhalen over de mannelijke verlichten die er geweest zijn. Dankzij Osho, die een van de schaarse meesters is die hierbij op het belang van de vrouwelijke energie wijst, kennen we ook vrouwen in deze ultieme staat van zijn. Chiyono is er een van. Zij is een zogenaamde Zen non. En Osho geeft aan, dat zij gedurende veel jaren studie maakte van religieuze onderwerpen, zoals God, het verschijnsel verlichting en de ultieme ervaring. Maar het goddelijke, verklaart Osho, kun je niet bestuderen. Het bevindt zich in het centrum, niet in de periferie. Alles wat aan de oppervlakte ligt en opgedeeld kan worden in stukjes … daar kun je studie van maken.
Het woord wetenschap betekent kennis en wel kennis over de periferie. Het is kennis over iets waarbij er geen sprake is van het Centrum. Maar bij het goddelijke en bij verlichting gaat het om totaliteit. Je moet het zelf worden, wil je het gaan kennen. Je moet eerst het goddelijke binnengaan en er één mee worden.

Bijna alle godsdiensten hebben het erover, dat je het ego moet laten vallen. Pas dan kun je tot overgave komen van jezelf tot God, de priesters enzovoort. Maar het ego is een weerspiegeling van God, legt Osho uit. Net zoals God het centrum van het bestaan is, is het ego het middelpunt van de persoonlijkheid. En je kunt niet zomaar een schaduw of reflectie van iets laten vallen. Je zult de bron van de verschijningsvorm eerst teniet gedaan moeten hebben.
Chiyono, de Zen Non uit het verhaal in ‘No Water No Moon’ was een zeer bevlogen zoekster. Al jong wist ze, dat ze helemaal voor het goddelijke wilde gaan. Daarmee had ze een liefdesrelatie. Niemand kon daar als mogelijke huwelijkspartner aan tippen en daarom wees ze verschillende aanzoeken van adelijke personen af. Ze meldde zich bij diverse zenkloosters omdat ze daar non wilde worden. Maar de meesters wezen haar allemaal af, omdat ze zo’n mooie vrouw was. Men was bang, dat Chiyono problemen onder de monniken zou veroorzaken, omdat dit nu eenmaal mannen zijn die hun seksualiteit verdrongen hebben. De meesters zagen, dat haar zoeken authentiek en oprecht was, maar ze moesten tegelijkertijd ook een klooster runnen met 500 monniken.
Op een bijzondere manier slaagt Chiyono er toch in om in een klooster toegelaten te worden. Vervolgens deed ze haar uiterste best om tot zelfrealisatie te komen. Jaren van studie en meditatie leverden dit uiteindelijk niet op, maar hadden wel haar bereidheid tot de top gebracht. Vervolgens deed ze een ontdekking waarnaar de titel van het boek verwijst: ‘Geen Water, Geen Maan’. Een buitengewoon boeiende ervaring had Chiyono die haar bij het simpele dragen van een emmer water ten deel viel.

Naast dit verhaal staan er nog 9 prachtige verhalen in dit boek, zoals over Hakuin en over Gutei, hele indringende verhalen die door de Zen visie zo’n bijzondere wending en interpretatie krijgen. Ook zijn ze voorzien van een heerlijke dosis humor.
Het gebeurde eens, dat een konijn en een leeuw samen een restaurant bezochten. Plotseling keken alle bezoekers op en ze konden hun ogen niet geloven. Het konijn bestelde een salade bij de ober en gaf aan, dat er geen dressing op moest. De ober keek angstvallig naar de leeuw en vroeg aan het konijn: ‘En wat mag ik aan uw vriend serveren?’ Het konijn zei: ‘Niets!’ De ober vroeg: ‘Heeft hij dan geen honger?’ Het konijn staarde de ober aan: ‘Denk je dat ik hier nog zou zitten, als hij echt een leeuw was? Hij doet alsof, hij is een acteur.’
Osho concludeert, dat we in een wereld van acteurs leven. Er is weinig, dat nog ‘echt’ te noemen is.
En hij waarschuwt: ‘Dit is zoals de mind functioneert. Wanneer je naar iets kijkt, breng je de mind in om het kleur te geven. Doe dat niet bij een verlichte, omdat het voor een verlichte persoon geen verschil zal maken, maar jij zult de kans mislopen om de schoonheid ervan te zien.’

Het boek ’No Water No Moon’ wordt in Nederland tweedehands aangeboden en is verder via internet te bestellen.

Boekbespreking van Donna van der Steeg.

De psychologie van het esoterische

The Psychology of the Esoteric, Insights into Energy and Consciousness.

Het boek The Psychology of The Esoteric behoort tot de vroege werken van Osho. En het is later in geheel gereviseerde versie opnieuw uitgekomen. Osho wijst op het mysterie van meditatie. Het is van belang om de juiste openheid hiervoor te hebben, zodat het wonder zich kan manifesteren.
Alles wat van waardevol is, is esoterisch. Extase kan niet pragmatisch zijn. Liefde kan niet pragmatisch zijn. Vertrouwen kan niet pragmatisch zijn. Het woord esoterisch betekent gewoon dat het niet objectief is, niet wetenschappelijk. Het is iets innerlijks, iets subjectiefs, iets dat zo mysterieus is, zo wonderbaarlijk dat je het kunt ervaren maar niet kunt uitleggen. We kunnen er één mee worden en dat is wat Osho beschrijft als het werk van zijn Mystery School (later: Osho Multiversity genoemd).

Alles over de verschillende zeven lichamen vertelt Osho in het boek zoals: over het fysieke lichaam, het etherische en het astrale.
En er wordt verheldering geven over elk chakra gebied. Het is een kans om de visie van Osho op tal van esoterische onderwerpen tot ons te nemen.
Osho geeft door dit boek een universitaire cursus in Psychologie die tegelijkertijd esoterisch is – en deze woorden schijnen elkaar volledig uit te sluiten. Maar Osho weet alles op een manier te integreren  waartoe de mind niet in staat is. Er is heel veel wat Osho in dit boek aansnijdt en waarnaar hij verwijst, teveel om even in een notendop weer te geven. Het is alleen mogelijk om er een glimp van weer te geven.

Het boek gaat over ‘worden’ en ‘zijn’, het is een introductie tot een inzicht die ons een nieuw inzicht in onszelf en het bestaan rondom ons doet krijgen.
Waarom hebben we last van angst? We schijnen bang te zijn tot diep in onze wortels. Wat kwelt ons, om mee te beginnen: Zijn of niet zijn? Doen of niet doen? Dit doen of dat doen?

Over Bewustzijn reikt Osho het volgende aan:
‘Bewustzijn is individueel. Alleen onbewustheid is collectief. Mensen zijn tot het punt van bewustzijn gekomen waarop ze individuen zijn geworden. Er is geen mensheid als zodanig; er zijn slechts individuele mensen. Iedere mens moet zijn eigen individualiteit realiseren en de verantwoordelijkheid ervoor. Het eerste wat we moeten doen, is ‘alleen zijn’ accepteren als een fundamenteel feit en hiermee leren leven. We moeten geen verzinsels creëren. Als je ficties creëert, zul je nooit in staat zijn om de waarheid te kennen. Ficties worden geprojecteerd, gecreëerd, gecultiveerde waarheden die verhinderen dat je ‘dat wat is’, kent. Leef met het feit van je ‘alleen zijn’. Als je met dit feit kunt leven, als er geen fictie tussen jou en dit feit in staat, dan zal de waarheid aan je geopenbaard worden. Elk feit onthult, als je er diep in kijkt, de waarheid.’

Osho heeft het in dit boek ook over de revolutie, die de bewuste menselijke evolutie is. Hiermee wordt de individuele verantwoordelijkheid tot een hoogtepunt gebracht. Alleen wij zijn verantwoordelijk voor onze eigen evolutie. Gewoonlijk proberen mensen daarvoor weg te lopen, namelijk voor de verantwoordelijkheid van hun eigen evolutie en de vrijheid van keuze die ze hebben. We verlangen naar vrijheid en er is ook veel angst voor. Wanneer we slaven zijn, is de verantwoordelijkheid voor onze vrijheid nooit de onze; iemand anders is verantwoordelijk. Daarom is slaaf zijn op een bepaalde manier iets heel comfortabels. In dit opzicht is slavernij ‘vrijheid’: namelijk vrij zijn van bewust keuzes maken.

Boekbespreking van Donna van der Steeg.

Osho als student in Sagar

Dit is deel 4 van de vooraankondiging van het boek ‘DE ONWETENDHEID VOORBIJ – Een meditatiereis door Osho’s India.’ Het gaat over de universiteit van Sagar, waar Osho ging studeren. En over twee professoren, Sri Krishna Saxena en S.S. Roy, aan wie Osho zulke goede herinneringen heeft. Ze leven beide niet meer. De gebouwen zijn nu oud en vervallen, net als Osho’s bungalow, maar je kunt het universiteitsterrein wel bezoeken.
 
Om half elf komt Swamiyogi ons in het hotel in Gadarwara ophalen nadat we eerst goed en uitgebreid hebben ontbeten. Hij neemt ons mee naar het oude universiteits­terrein in Sagar waar Osho zijn postgraduaat filosofie behaalt. Het was oor­spronkelijk een kazerneterrein en dat werd het ook weer tijdens de Tweede Wereldoorlog.
Swamiyogi vertelt dat Osho op deze universiteit professor S.S. Roy ontmoet. Die heeft een mooi karakter. Osho waardeert hem als enige van de docenten. Dr. Roy ziet de potentie van Osho en voelde zich zijn leerling in plaats van andersom. Op een keer dat dr. Roy jurylid was voor de nationale debatwedstrijd voor studenten, waaraan Osho ook meedoet, gaf hij Osho negenennegentig punten en de andere deel­nemers nul. Osho ontvangt een gouden medaille voor zijn debatvaardig­heden. Hij heeft niets met die medaille en gooit hem in een diepe put achter de universiteit, die we later gaan bekijken.
Osho krijgt van dr. Roy een bungalowtje. Het is eenvoudig, maar Osho vindt het een prachtige plek. Dit vanwege het uitzicht op een meertje vol met lotusbloemen. Dat meertje is er nu niet meer. Osho loopt er graag in de regen naartoe. Hij haalt er elke dag vijftig vaten water waarmee hij zich kan afspoe­len en zo zijn lichaam kan afkoelen. Een hogere staat van bewustzijn wekt veel lichaamswarmte op en mensen gaan dan graag naar koelere gebieden zoals de Himalaya. Osho doet het dus met water.

Sagar: De bungalow van dr. Roy op het universiteitsterrein, die hij aan Osho gaf om te bewonen

 Swamiyogi vertelt hierover het volgende:
Osho zegt dat het een prachtige bungalow is, erg ruim en schoon, hij voelt zich er als een kind, hij is vol waardering. Het was hier helemaal omgeven door dichte bossen. Toch kan Osho vanuit de bungalow het meer van Sagar zien omdat het meer zo groot is.
Zelfs als het regent, wandelt Osho naar een punt van de heuvel waar hij niet verder kan. Hij raakt dan helemaal doorweekt. De familie van één van de andere professoren vond dat maar raar. Ze moesten er hard om lachen, zijn hele familie, zijn vrouw en kinderen. Toen deze professor Osho op een keer mee naar huis nam en ze Osho zagen, schoten ze weer in de lach en vluchtten naar binnen. De professor voelde zich verlegen met de situatie. Osho zegt daarom: ‘De volgende keer wanneer het regent, ga je met mij mee om in de regen te wandelen.’ Vanaf dat moment wandelde de pro­fessor met Osho mee.
 
In Glimpses of a Golden Childhood, sessie 20 en sessie 34 vertelt Osho ons zelf over deze periode van zijn leven als student aan de Sagar Universiteit en over professor S.S. Roy, die hem zeer toegenegen was.
Osho vertelt, zo begrijp ik, dat hij niet in staat zou zijn geweest om te studeren aan een andere universiteit dan deze. Voor hem is het geen punt om te moe­ten leven in verlaten militaire barakken. Hij vindt de plek op de heuvel mooi. Het is in de Tweede Wereldoorlog een belangrijke plek geweest, maar het heeft na de oorlog zijn betekenis verloren. Osho houdt veel van het meer daar. Het lijkt een beetje op een oceaan met hoge golven. Sagar heeft zijn naam aan dit meer te danken. Sagar betekent oceaan.
Heel jammer vindt Osho het dat de oude toegangspoort naar de universiteit moest worden ontmanteld. Maar hij beseft net als iedereen dat het slechts een tijdelijke poort was.
Zeer goede herinneringen bewaart hij aan zijn oude professor, Sri Krishna Saxena, die als een vader voor hem was. Hij was een bijzonder mens omdat hij de enige was die begreep dat hij een student had die eigenlijk zijn meester had moeten zijn. Hij zei tegen Osho: ‘De toekomst van die andere studenten is hun eigen zaak, jouw toekomst is mijn toekomst.’ En hij probeerde Osho ervan te overtuigen te blijven en een beurs te aanvaarden om een doctors­graad te halen. Osho is daar niet gevoelig voor en legt Saxena uit dat zijn toe­komst in een andere richting gaat. Zelfs de gouden medaille die Osho wint, gooit hij voor de ogen van Saxena in een put.

Sagar: de put achter de universiteit waar Osho zijn medaille voor debatvaardigheden in gooide.

Heel goede herinneringen bewaart Osho ook aan professor S.S. Roy. Deze was hoofd van de afdeling filosofie op de Sagar Universiteit en toen ook jurylid bij een nationale debatwedstrijd tussen de universiteiten. Osho wint, maar op­vallend is dat professor Roy hem geen honderd procent van de punten gaf, maar negenennegentig procent. Als Osho ernaar vraagt, verklaart Roy dat hij gewoon laf was. Maar hij vertelde ook dat hij een volgeling is van Masta Baba, die tegen hem had gezegd: ‘Wanneer je op een gegeven moment deze man ziet, zul je mij niet meer nodig hebben.’ De ogen van Masta Baba herinnerden hem aan Osho, net als de ogen van Pagal Baba die hij ook had gezien.
Het debat en deze herinnering aan S.S. Roy doen Osho besluiten om na het behalen van zijn Bachelor or Arts (BA of kandidaatsexamen) in Jabalpur aan deze universiteit te gaan studeren. Hij wil alleen onder professor Roy postgraduaat student zijn. Deze professor kon zelfs in de collegezaal aan Osho vragen om hem iets uit te leggen dat hij niet begreep. Hij haalde niet alleen Osho’s inzichten aan in zijn colleges, maar vertelde er ook bij dat ze van Osho afkomstig waren. Voor Osho is deze man anders, hij was authentiek.
 
Volgende keer deel 5: De Taj Mahal in Agra.
 
Uit: ‘DE ONWETENDHEID VOORBIJ – Een meditatiereis door Osho’s India’.
Door Surya Cliné.
 
Verkrijgbaar bij Amazon als e-book en paperback.  

De oeroude muziek van Zen

Ancient Music in the Pines, The Key of Effortless Effort.
In Ancient Music in the Pines staan hele mooie Zen-verhalen. Osho geeft als toelichting bij ‘ancient music’ het volgende:
Als het denken je niet meer verwart, dan zijn gedachten alleen maar golfjes op het meer en dan zijn stiltes alleen maar: het ontbreken van golfjes, er is alleen ZIJN. Plotseling word je je dan bewust van muziek die je altijd omringd heeft. Plotseling komt die muziek van alle kanten op je af. Je wordt er door overweldigd, je wordt er door geboeid.
En, zo gaat Osho verder, je zult niet in staat zijn om de waarheid te weten tenzij je naar de oude muziek van OMKAR luistert. Je kunt alleen de tempel van het goddelijke binnengaan via deze muziek. Vanuit jezelf ben je er niet toe in staat, maar deze muziek vormt een brug.

Als altijd heeft Osho het over de mind die ons in de weg zit om tot het werkelijke leven door te dringen. De mind staat dan tegenover de oeroude muziek. De mind vormt als het ware een muur. Dit is niet in werkelijkheid zo. Die muur bestaat alleen in je gedachten.
En zelfs dan gaat die muziek nog door en probeert zij bij je binnen te dringen. Misschien luister je er niet naar, maar… en let er eens op hoe beeldend en grappig Osho dit verwoordt. Hij zegt: deze oeroude muziek is alsmaar bezig om je hele wezen te masseren. Ze is je alsmaar aan het voeden, ze geeft je leven en ze verjongt je steeds weer.
Jouw hart klopt namelijk in het zelfde ritme als het hart van het grotere Geheel. Overal is deze oeroude muziek en als we haar mislopen, dan is dat geheel en al aan ons zelf te wijten.

Als we het eerste Zen-verhaal in ‘Ancient Music in the Pines’ lezen, dan raakt dat ons vrijwel meteen. Het raakt zoals de oeroude muziek waar Osho het over heeft, mits we het dus niet vanuit de mind tot ons laten komen.
Dit verhaal is als het ware Zen in-een-notedop. Het gaat over een inbreker en zijn zoon. Toen de zoon van een inbreker zag dat zijn vader een dagje ouder aan het worden was, vroeg hij zijn vader of die hem het vak wilde leren, opdat hij als zoon het familiebedrijf zou kunnen voortzetten als zijn vader zou stoppen met werken. En zo excentriek als dit verhaal begint, is ook het verdere verloop. In alle verhalen in het boek klinkt door zoals Osho Zen beschrijft. Hij zegt: ‘Zen is het leven zelf. Geen filosofie, geen leer, maar puur ervaren, puur zijn.’

Osho concludeert na het eerste verhaal het volgende. Het wezen is een geheel, de wereld is een veelheid. En hier tussenin zit de mind die verdeeld is. We zien dus ook alles vanuit deze verdeelde mind. Dit wordt ondersteund door wetenschappelijk onderzoek. Onze hersenen zijn verdeeld in twee helften, de rechter hemisfeer en de linker hemisfeer. De rechter hemisfeer is verbonden met de linker hand en de linker hemisfeer is verbonden met de rechter hand; er is dus een kruislingse verbinding. De rechter hemisfeer staat voor de gevoelsmatige, de dichterlijke en de linker hemisfeer voor het logische, mathematische, wetenschappelijke. En deze twee hemisferen zijn constant in conflict met elkaar. Dat wat zich in de wereld aan politiek gesjoemel afspeelt, vindt in feite in onszelf plaats hoewel we ons daarvan vaak niet bewust zijn.
Verder gaat Osho in deze lezingen serie in op vragen van zoekers, zoals er bijvoorbeeld een interessante is over het verschil tussen ‘oud worden’ en ‘rijpen.’ 

Het boek/e-book is te bestellen in de Nederlandse Boekhandel.

Boekbespreking van Donna van der Steeg.

De Osho Upanishad

The Osho Upanishad
Osho begint deze serie talks bij het afronden van de World Tour. Hij kondigt een nieuwe fase van zijn werk aan. Hij zegt: ‘Boeken kunnen geschreven worden, ze kunnen gedicteerd worden aan een machine. Maar wat ik ga beginnen, is iets heel anders. Het is een Upanishad. En dat wil zeggen: zitten aan de voeten van de meester. De discipelen zitten aan de voeten van Osho om zijn liefde en licht te absorberen, hun hart te laten raken, getransformeerd te worden. Osho legt uit dat ‘Upanishad’ betekent ‘meegenomen worden in de wereld van de meester’ en dat is het werk van zijn Mystery School. 
Vervolgens gaat hij over tot het beantwoorden van talrijke inzicht-rijke, existentiële en oprechte vragen, zoals daar bijvoorbeeld zijn:
• wat is mysticisme?
• wat is angst?
• wat is vrijheid?

Boeddha, Rinzai, Krishnamurti, Marx, Gandhi, Bodhidharma, Nietzsche, Jezus, Gurdjieff, Zarathustra, zij allen gaan bij Osho door de molen. Hiermee brengt hij de lezer tot dat punt van bewustzijn waar alle vragen beginnen te verdwijnen.
Een van de vragen die er in het boek aan de orde gesteld worden, zal zeker aanspreken. Het is de volgende: ‘Osho, waarom stoppen we niet met ons ellendig te voelen en ongelukkig te zijn?’ 
Osho antwoordt, dat het een van de meest fundamentele levensvragen is. We hebben niet geleerd om gewoon gelukkig te zijn, te glimlachen, het prettig te hebben. Het zit niet in ons educationele systeem. Tijdens de opvoeding wordt ons allemaal geleerd om serieus te zijn. En serieusheid houdt in dat je je bedrukt, droevig voelt. Terwijl het zo is, dat gelukkig zijn natuurlijk is, het is even natuurlijk als gezond zijn.’ 
Inderdaad klopt het dat als je met een grote grijns op je gezicht rondloopt, mensen al snel denken dat je niet goed bij je hoofd bent. Want: wat valt er te lachen en vrolijk te zijn?

Osho vertelt in het boek over zijn bezoek aan de beelden van Khajuraho. Het zijn de bekende beelden waar paren in allerlei liefdesposities zijn afgebeeld. Osho vertelt hoe mooi hij de beeldhouwkunst in Khajuraho vindt. Het zijn de mooiste beelden van de wereld, zegt hij en vooral de borsten zijn prachtig vorm gegeven. ‘Toen ik die beelden zag, zei ik: die borsten kunnen gewoon niet. Als er zulke borsten zouden zijn, zou de mensheid eenvoudig uitsterven.’ De Minister van Onderwijs die mij rondleidde zei: ‘Waarom?’ ‘Gewoon de ronding van de borst. Als een klein kind tegen die ronde borst ligt, zal zijn neus dicht geknepen worden, het zal geen melk kunnen drinken. Of het gaat drinken, of het gaat adem halen, die twee mogelijkheden zijn er.’

Kostelijke verhalen uit Osho’s rebelse studententijd komen er verder aan de orde en ook aan humor ontbreekt het niet in The Osho Upanishad.
Ik heb eens gehoord, dat er drie mannen aan het debatteren waren wie van hen het oudste beroep had. Een van de mannen die priester was, zei: ‘Het mijne is het oudste, want het eerste wat de mens deed was tot God bidden en hem danken.’ 
De tweede man zei: ‘Dat is allemaal nonsens. Mijn beroep is ouder. Ik ben chirurg. Wat God deed, was een rib van de man nemen en daar een vrouw van maken. De eerste chirurgie werd door God zelf uitgevoerd. Daarvoor was er alleen maar chaos.’
De derde man begon te lachen en zei: ‘Oh, dat maakt de zaak rond. Want nu blijkt dat mijn beroep het oudste is.’
De andere mannen zeiden: ‘Jouw beroep? En er was voor die tijd alleen maar chaos.’
‘Inderdaad, maar het gaat hierom: wie heeft die chaos geschapen?’ Hij was politicus. En natuurlijk is het heel moeilijk om zonder een politicus chaos tot stand te brengen.

De Osho Upanishad is verkrijgbaar bij de Nederlandse boekhandel.

Boekbespreking van Donna van der Steeg.

Gadarwara: Osho’s lagere schooltijd en jeugdvriend Sukhalji

Dit is deel 3 van de vooraankondiging van het boek ‘DE ONWETENDHEID VOORBIJ – Een meditatiereis door Osho’s India.’ Osho vertelt zijn verhaal wanneer hij als zevenjarige naar de lagere school gaat. De school ziet er nog net zo uit als toen. Eén van Osho’s jeugdvriendjes, Sukhalji, leeft nog als wij in Gadarwara zijn. We maken kennis met hem. Velen gaan naar hem toe voor shaktipath, waarbij ze buigen en zijn voeten met beide handen omvatten.

Dan gaan we naar Osho’s lagere school. Hij gaat niet graag naar school en spijbelt heel vaak. Uit Glimpses of a Golden Childhood, sessie 19, begrijp ik dat deze school voor Osho net een gevangenis is vanwege de hoge toegangs­poort, de Elephant Gate, de Olifantenpoort. Hij is overdag gesloten als de kinderen, gevangenen, binnen zijn. En gaat ‘s morgens en ‘s avonds open om de kinderen vrij te laten. Hij geeft toegang tot het schoolplein. Hij is zo groot dat er een olifant doorheen kan. Volgens Osho zou hij prima passen in een circus, en de school is voor hem net een circus, maar voor kinderen vindt hij hem te groot. Op zijn laatste schooldag viert hij dan ook, onder veel bekijks, zijn vertrek uit deze gevangenis, zittend op een olifant, die hij heeft geleend van een maharadja.


Gadarwara lagere school: de hoge toegangspoort waar Osho provocerend een keer met een olifant doorheen kwam.

Na dit bezoek aan Osho’s lagere school, gaan we terug naar de ashram om te lunchen. Daarna rusten we wat uit en gaan dan op weg naar een tempeltje dat midden tussen de suikerrietvelden even buiten Gadarwara is gebouwd. Het is een tempeltje dat kortgeleden neergezet werd door een aantal sannyasins. Om sannyasin te kunnen worden moesten ze van Sukhalji (jeugdvriend van Osho) eerst drie maanden lang elke dag naar Gadarwara om de Dynamic te doen. Omdat ze dat toch wel een eind van huis vonden, bouwden ze het tempeltje vlak bij hen in de buurt.
Voor de gelegenheid komt Sukhalji ook naar het tempeltje. Hij wordt met veel zorg en liefde omringd. Hij wordt tot voor de ingang gebracht met de auto en door sterke armen ondersteund om in een stoel te gaan zitten. Er zijn zo’n tien Indiase sannyasins. Zodra Sukhalji zit, gaan ze één voor één naar hem toe.
Ze knielen en pakken met beide handen de voeten van Sukhalji vast. Ze blijven een paar minuten zo zitten. Dan richten ze zich weer op met de handen voor zich gevouwen. Hierna krij­gen we wat lekkernijen aangeboden, water en chai. Daarna mediteren we sa­men. Eerst een korte lezing van Osho in het Engels en dan een wat langere lezing in het Hindi. Dat was voor mij de eerste keer in het Hindi. Een andere ervaring omdat je mind zich niet aan de woorden kan hechten. Dat maakt het mediteren makkelijker.


Gadarwara Sukhalji: Sukhalji en Anadi samen in een meditatieruimte iets buiten Gadarwara.

Na de meditatie gaat iedereen weer één voor één naar Sukhalji en knielen ze weer, pakken zijn voeten met beide handen vast en komen met gevouwen handen weer overeind. Enkelen van ons doen dat ook. Ik voelde geen neiging om te gaan, omdat ik na slechts één dag geen bijzondere band met Sukhalji voelde. En sowieso omdat het niet in mijn aard ligt om dat te doen.
Eén van ons vertelde naderhand dat ze het wilde ervaren en merkte dat ze een sterke energie voelde vanuit Sukhalji. Mij wordt uitgelegd dat het om een overgave aan de meester gaat. Je voelt daarbij ook veel genegenheid voor je meester. Bij Osho en eerder bij Boeddha bestond het uit drie stappen, de zogenoemde Gachchami’s: ‘Ik buig voor de verlichte, ik buig voor de gemeenschap van de verlichte, ik buig voor de diepste waarheid van de verlichte’. Osho schafte deze manier van overgave later af. Hij vond dat ritueel in de context van een avondbijeenkomst te veel een geïnstitutionaliseerd karakter hebben. Het deed te veel denken aan een kerk. Het vouwen van de handen en licht buigen ter begroeting vond Osho voldoende. Als je echter op audiëntie bij Osho kwam, dan knielde je wel en omvatte je zijn voeten. Men noemt dat wel shaktipath. Het is een vorm van overgave, liefde en respect waarbij energie uit de voeten van de meester wordt overgedragen op degene die knielt. Je knielt niet met de bedoeling om deze energie te ontvangen. Dat zou te veel ego gericht zijn. Het gaat zuiver om de liefde en het respect voor de meester.
 
Volgende keer deel 4: Osho als student in Sagar.
 
Uit Surya Cliné: ‘DE ONWETENDHEID VOORBIJ – Een meditatiereis door Osho’s India’.

Verkrijgbaar bij Amazon als e-book en paperback:
–        https://www.amazon.nl/s?k=onwetendheid&i=digital-text&__mk_nl_NL=%C3%85M%C3%85%C5%BD%C3%95%C3%91&ref=nb_sb_noss
–        https://www.amazon.de/dp/1655095250?language=nl_NL&ref_=pe_3052080_397514860

Zenmeester Yakusan

‘Yakusan Straight to the Point of Enlightenment’ is een van Osho’s series van toespraken die gewijd is aan de zenmeesters. Het boek heeft inmiddels een herdruk ondergaan. In dit boek benadrukt Osho de stroming Zen als een directe benadering van het Bestaan. Het bevat de serie talks die Osho in januari 1989 heeft gehouden.
Hij waarschuwt dat verlichting niet alleen positieve gevolgen heeft. Iedereen zal tegen je zijn. Jouw verlichting kwetst het ego van de mensen. Want je bent een mens net zoals zij zijn. Maar jij hebt het niveau van verlichting bereikt en zij niet. Nu zijn er maar twee manieren voor hen om daar een uitweg in te vinden. Ze groeien op tot hetzelfde ontwikkelingsniveau als jij of ze proberen je te vernietigen. Tot hetzelfde niveau komen, kost ongelofelijk veel moeite. Dus gaan ze voor de gemakkelijk manier en ze vergiftigen dus Socrates, ze kruisigen Jezus en ze vermoorden al-Hillaj Mansoor.
Heel interessant in dit boek is ook de repliek die Osho geeft aan iemand, zelf christen, die in een wetenschappelijke studie Osho heeft vergeleken met Jezus Christus. Osho prijst de oprechtheid van deze wetenschapper, maar hij zegt ook: ‘You cannot compare me with Jesus Christ. There is no way to compare me with anybody.’ Hoe Osho dit uitwerkt, wordt absoluut aanbevolen om zelf te lezen.

Yakusan heeft zijn ontwaken met de meester Sekito ervaren en later, zo geeft Osho aan: ‘Toen zoveel mensen onder Yakusan verlicht raakten, moet de hele berg waar hij al deze zoekers verzamelde een paradijs geworden zijn. Zoveel verlichte mensen … de hele berg moet vol vreugde geweest zijn en vol dans.’
In deze serie talks gebruikt Osho korte anekdotes over de Zen meesters om ons zachtjes op de zoektocht naar de innerlijke boeddha mee te nemen. Hij geeft aan: ’Terwijl ik over de zenmeesters spreek, doe ik dat op een absoluut moderne manier: jullie kunnen het begrijpen. Zij spreken nog de taal van het verleden. 

Osho zegt: ‘Mijn inspanning is zo totaal anders dan en staat lijnrecht tegenover de stichters van alle religies dat er geen manier is om mij met wie dan ook te vergelijken. Ik vorm een meerderheid van een enkel individu en ik wil dat jullie allemaal een meerderheid van een enkel individu zijn.’
‘Je bent jezelf genoeg. Je hebt niets nodig. Je hebt alleen een diepgaande innerlijke zoektocht nodig. ‘

‘Ik heb 500 boeken, maar wat ik wilde zeggen, heb ik nog altijd niet gedaan. Ik doe heel erg mijn best, in de de hoop dat jullie op een of andere manier op enig moment, of ik het nu zeg of niet, het zullen horen. Misschien ben ik niet in staat om het te zeggen, maar mogelijk kan ik het tonen. Jullie horen het misschien niet, maar jullie zien het.’
Aan het einde van iedere toespraak leidt Osho de lezer de ruimte van meditatie binnen. Vanuit een crescendo van lachen en gibberish (brabbeltaal) brengt Osho ons rechtstreeks naar de plek waar de Boeddha zetelt: ‘direct naar het punt van verlichting.’

Boekbespreking van Donna van der Steeg.

Meester en discipel

Come Come yet again Come.
Celebrating The Joy of Life, Love and Meditation.

In het boek ‘Come Come Yet Again Come’ komt het contact tussen meester en discipel aan de orde. De relatie tussen meester en discipel heeft niets met verering te maken; het is een liefdesverhouding die volkomen vrij is. De meester is liefde en de discipel voelt zich door deze liefde voor de eerste maal gezien in het totaal van al zijn of haar groeimogelijkheden. Er is geen sprake van een echte relatie; als er al iemand een connectie legt, dan is dat de discipel, niet de meester. De meester is volkomen vrij en zelfs: de meester is niet, als ego, en daarom juist zo volop en tastbaar aanwezig.

Osho heeft zelf bij de beschrijving van het contact tussen meester en discipel het beeld van de twee vlammen gebruikt. In zekere zin zijn ze samen aan het bewegen, maar ze zijn ook los van elkaar. Ze dansen samen als vlammen in een heftig brandend vuur; ze branden naast elkaar en bewegen zich samen speels. Af en toe bewegen ze met elkaar mee, maar daarnaast zijn ze ook geheel onafhankelijk van elkaar. Ze dansen wel in hetzelfde vuur. De vlam van de discipel kan aangewakkerd worden door de vlam van de meester. De vlam van de meester verliest hierdoor echter niets aan kracht en licht. De vlam van de discipel kan enorm aan kracht en licht winnen door deze te laten aanwakkeren door die van de meester.

Dit boek ‘Come Come Yet Again Come’ behoort tot een van de Early Works, de vroege werken, van Osho. Het bevat heel veel vragen van zoekers die zich in de beginjaren om Osho heen begonnen te verzamelen. Men werd aangetrokken door de magnetische kracht van de verlichte Osho.
Vanuit heel de wereld verzamelden zich mensen en ze zaten uren aan de voeten van deze meester om zijn wezen, zijn energie, in te drinken. En dan borrelden er vragen op, die door Osho met veel liefde, oneindig veel geduld en, niet te vergeten, met een uniek gevoel voor humor beantwoord werden.

De titel van het boek ‘Come Come Yet Again Come’ appelleert aan het telkens terugkeren naar de bron. De discipel wordt uitgenodigd om zich iedere keer maar weer te laven aan de bron, zoals ik dat Osho heb horen zeggen: ‘Don’t try to come, just come.’ ‘Probeer niet om te komen, kom gewoon.’

Een vragensteller komt, zo staat in het boek te lezen, met de volgende kwestie: waarom is er niet één grote wereldreligie, waarin ieder zich thuis voelt en waardoor de verbondenheid tussen mensen meer beleefd kan worden? Al die verschillend religies zorgen alleen maar voor verdeeldheid onder de mensheid. 
Het is prachtig om te lezen, hoe Osho uitlegt, dat er zeker sprake moet kunnen zijn van een bepaalde broederschap onder mensen. Die zal echter niet ontstaan door de veelheid aan godsdiensten. Religie op zich is niet wat verdeeldheid schept; dat gebeurt door bepaalde volgelingen van een godsdienstig leider. En deze bedrijven dan ook eerder politiek dan religie; de politiek in godsdienstige stromingen zorgt voor de verdeeldheid.

In alle godsdiensten zijn goede dingen te vinden, maar ook hele slechte, aldus Osho.
Een universele wereldgodsdienst construeren uit alle goede dingen van de bestaande religies, zoals de vragensteller suggereert, zal niet echt gaan werken. Zo’n godsdienst wordt een allegaartje. 
‘Mensen een universele godsdienst opleggen, zal geen echte solidariteit brengen en het zal bovendien de gevarieerdheid van mensen totaal vernietigen.’ En in zijn conclusie drukt Osho zich hier heel mooi uit: ‘Als je alleen maar rozen hebt, gaat de multidimensionaliteit verloren. Als de hele wereld fluit speelt net als Krishna, word je gek. Ik accepteer multidimensionaliteit op elk gebied van het leven.’

De mens is in feite nog altijd niet echt religieus, geeft Osho aan. De waarheid verheft zich als een zonovergoten bergtop boven allerlei godsdienstige stromingen en vele paden kunnen naar deze Waarheid leiden. De beweging die rondom hem zelf is ontstaan, zegt Osho, is geen nieuw soort religie, het is een verzameling van zoekende mensen die een oneindige variatie kent.

Boekbespreking van Donna van der Steeg.

Osho Zen Tarot in het Nederlands

Osho Zen Tarot kaarten worden door steeds meer mensen ontdekt als een speels en diepgaand instrument voor inzicht en meditatie. De kaarten bevatten inspirerende schilderingen die je diep kunnen raken. Iedere kaart wordt uitgelegd in het licht van de Tarot, maar daarnaast is er Osho’s visie vanuit de unieke levensstroming Zen. Zo krijg je inzicht in wat er onbewust speelt bij keuzes in je leven en kun je de sleutel krijgen om nieuwe deuren binnen te gaan. Je leven wordt rijker, meer voldoening gevend en eerder licht dan serieus.
Er is door een cursus bovendien nog veel meer uit de Osho Zen Tarot kaarten te halen. Je leert dan om patronen te leggen en kunt er voor jezelf en anderen mee werken. De ander kijkt altijd mee. Dus, het is een zeer democratische manier van het interpreteren van de levenssituatie van iemand anders.

De Nederlandse Osho Zen Tarot kaarten zijn sinds kort verkrijgbaar bij de Boekhandel.

   ervaren/ voorbij illusie

Cursussen Osho Zen Tarot
met drs. Donna van der Steeg. 
Je levenskwesties uiteengezet door de Osho Zen Tarot kaarten.
We blijven ze tegenkomen, onze levenskwesties of we manoeuvreren onszelf erin. Via de Osho Zen Tarot kunnen we ze verhelderen, verlichten. We brengen de kwestie in kaart en zien in welk krachtenveld we ons bevinden als de kwestie zich aan ons voordoet. We zien welk inzicht en bewustzijn we mogen ontwikkelen en welk besluit tot actie er in het ‘hier nu’ het best genomen kan worden om verder te komen.

   avontuur

Je ziet een voorbeeld van een legpatroon met drie kaarten. De situatie waarmee je niet gelukkig bent wordt vertegenwoordigd door de eerste kaart. De tweede van deze Osho Zen Tarot kaarten geeft een hint over wat er te leren valt. En de derde Osho Zen Tarot kaart wijst je op je committent: wat kun je vanaf nu meteen doen.
Vanuit de levensstroming Zen word je je bewust van oude mechanismen en nieuwe mogelijkheden.

   de dwaas

Als je de kwestie in kaart hebt gebracht, wordt deze overzichtelijk. Je haalt wat lichter adem. En je ontdekt mogelijkheden om via inzicht dat de Osho Zen Tarot kaarten bieden, verder te komen. Deze en andere patronen leggen en interpreteren kun je leren in verschillende Osho Zen Tarot cursussen, zoals:
• Basiscursus Osho Zen Tarot.
• Vervolgcursus Osho Zen Tarot voor Coaching.
• Vervolgcursus Psychologie en Osho Zen Tarot.
De cursussen kunnen life gevolgd worden, maar ook via e-mail gedaan worden met zo nodig extra uitleg via Skype of telefoon. lees meer en lees nog meer.

   feestvieren

De diverse Cursussen zijn al door een groot aantal mensen met plezier gevolgd en met een certificaat afgesloten.
Het is een zelfontdekkingsreis die je rijk genoeg maakt om daarna de Osho Zen Tarot kaarten voor jezelf of anderen te leggen en te interpreteren. Je kunt op die manier ook anderen helpen hun levenskwesties in kaart te brengen en op te lossen. Bij de cursussen horen 2 door mij geschreven boeken.
• Coachen met de Osho Zen Tarot.
• Praktische hints voor de Osho Zen Tarot.

Meer: Cursussen Osho Zen Tarot

Op het scherpst van de snede

The Razor’s Edge, Entering into the Unknown.
Het boek The Razor’s Edge is een aanmoediging om door te gaan met uit te vinden wie je echt bent. Osho betoogt: ‘Alles in je is vals. Het valse en het echte kunnen niet samen, als een mix, bestaan. Er is geen compromis mogelijk: óf je bent vals óf je bent echt. 
Je hele persoonlijkheid is vals omdat die je gegeven is, er is geen kwestie van dat die uit jezelf gegroeid is. Het is zoiets als met plastic bloemen en je hebt ze op een rozenstruik gezet. Ze maken geen deel uit van de rozenstruik en ze krijgen geen enkele voeding van de rozenstruik, hoewel ze de mensen wel kunnen bedriegen. Plastic bloemen zijn permanent, maar het echte is stromend, er is een continue verandering. Lentes komen en zij gaan weer, niets blijft hetzelfde.’

‘Eén ding is vreemd,’ geeft Osho aan, ‘namelijk dat het valse meer permanent is dan het echte. Het echte is bijna als een rivier, een continue verandering. Lentes komen en gaan, niets blijft hetzelfde. Maar de valse plastic bloem is permanent; of de lente komt of weer verdwijnt, maakt haar niets uit. Zij is niet levend, zij is dood.’
‘Vanwege dit vreemde aspect zijn mensen meer afgegaan op het valse, omdat het valse meer betrouwbaar is – morgen zal het precies hetzelfde zijn. Het echte is onvoorspelbaar. Een ding kan met zekerheid gezegd worden, dat het morgen niet hetzelfde zijn zal. Het moet wel veranderd zijn, want alles wat leeft, verandert steeds.’ 

Op de vraag van een zoeker ‘Wat is er vals in mij’? gaat Osho vrij rigoureus in. ‘Je vraag impliceert dat er ook iets echts in je aanwezig is. Waar het ‘jij’ betreft, is alles vals. En wanneer het valse verdwijnt, zul jij ook verdwijnen. Het echte heeft geen ego, geen ik-gevoel. Het echt is puur zijn. Het is er, in zijn algehele glorie, in zijn totaal gouden magie, in zijn totaal eeuwige schoonheid. Mar het is zo uitgestrekt dat je niet kunt zeggen, ‘Dat ben ik’. Het is god, het is het bestaan, het is het echte zelf.’

Osho zet verder uiteen dat wie we zijn het gevolg is van opvoeding, training en discipline. Het is ons niet toegestaan om natuurlijk te zijn  omdat men geen vertrouwen in de natuur kan hebben. Bij de natuur is er geen sprake van garantie, geen zekerheid. Daarom wordt ons als kind al spoedig een masker verstrekt over ons ‘oorspronkelijke gezicht’. En het kind is zo afhankelijk, zo hulpeloos dat het bijna onmogelijk is om hiertegen te rebelleren. Hij wordt pure imitatie; hij gaat leren waarvan men wilt dat hij het leert. Allerlei dingen krijgt hij opgelegd die vals zijn: een valse naam, een valse identiteit en valse trots. Hij krijgt een geloof opgedrongen. En zo overdekt men het kind alsmaar met valse lagen.’

Door sannyas neem je de eerste stap van het valse naar het echte. De kunst is, zegt Osho, om nu niet meer om te kijken hoe gevaarlijk het ook lijkt. Want als vragen en antwoorden, jij en ik verdwijnen, merk je dat je steeds meer het onbekende binnengaat. Dit noem ik ‘het scherpst van de snede’ stelt Osho vast.

Boekbespreking van Donna van der Steeg.