Nieuw

Ramakrishna gek op eten

Geliefde Osho,
Op een avond in darshan zag ik u plotseling zitten niet als een persoon. Het was meer alsof een deel van u tegen ons sprak en een ander deel iets deed met de hele atmosfeer en energie rondom ons en binnenin ons. Geliefde Osho, uit hoe velen bestaat u eigenlijk?

Deva Karunesh, ik ben zoveel als jullie er zijn; mijn hart klopt in jullie. Zonder jullie heb ik geen enkel doel om hier te zijn. Enkel een dunne draad van liefde houdt me hier te midden van jullie. Het hangt allemaal van jullie af – als jullie in aantal groeien, ben ik meer.

Ik moet denken aan Ramakrishna… hij was een vreemde mysticus. Het was moeilijk voor de Indiase geconditioneerde mind om hem te accepteren. Vele kwamen maar weinigen bleven bij hem. Na zijn overlijden gingen tien miljoen mensen hem volgen. Het was zoiets triviaals waarom mensen hem niet accepteerden, maar voor de geconditioneerde mind wordt zelfs iets triviaals immens belangrijk als het tegen zijn conditionering ingaat. En Ramakrishna was een absoluut vrij individu.

Een koningin had een mooie tempel laten bouwen in Dakshineshwar, vlakbij Calcutta. Maar de koningin behoorde tot de laagste kaste, de sudras – dat zijn de onaanraakbaren. Dus geen enkele brahmaan was bereid om priester in haar tempel te worden – alsof God in de tempel ook een sudra zou worden, onaanraakbaar. De koningin, Rani Rasmani, ging er erg voorzichtig mee om. Ze ging nooit de tempel binnen, ze stond altijd voor de deur en vanaf daar uitte ze haar dankbaarheid en dankte ze zo God.

Maar de brahmanen waren er allemaal absoluut op tegen om priester te worden in een sudra tempel. De tempel was ook sudra geworden. Ramakrishna, toen hij erover hoorde, accepteerde het ambt wel. Hij was een brahmaan van hoge kaste, en alle brahmanen veroordeelden hem, gingen hem boycotten. Maar hij lachte erom. Hij zei: ‘Wie de tempel ook maakt, kan niet de kwaliteit van God veranderen.’

Tegen de hele maatschappij in accepteerde hij de betrekking. En zijn eredienst was ook vreemd. Hij was een vreemde man … heel erg kleurrijk.
 Soms was hij de hele dag aan het bidden, van de ochtend tot de avond. Mensen waren verbaasd, soms was hij de hele dag van de ochtend tot de avond in verering en soms helemaal niet – hij deed dan zelfs de deuren van de tempel niet open, hij hield ze gesloten. Dat werd doorgegeven, en Rasmani kon het niet geloven. Ze vroeg aan Ramakrishna: ‘Wat is dit voor eredienst?’ 
Hij zei: ‘Ik ben geen man van rituelen; ik vertrouw op de liefde. Als God zich goed gedraagt jegens mij, dan dien ik de hele dag, en als hij onbuigzaam, koppig is, dan boycot ik hem compleet – dan geef ik hem zelfs geen eten. Dan is hij binnen twee, drie dagen weer bij zinnen.’ 

Rasmani moet een vrouw van groot inzicht geweest zijn. Ze kon de onschuld van Ramakrishna wel zien, dat hij geen priester was in de gewone zin van het woord.

Toen werd er gemeld dat hij, voordat hij God iets te eten aanbood, het zelf proefde en het dan pas aanbood. ‘Dit is heiligschennis, dit is te gek,’ zeiden de mensen.
Opnieuw werd hij geroepen: ‘Waar bent u nou mee bezig? Weet u niet dat u niet als eerste het eten mag proeven. Eerst moet God het nemen, het moet hem aangeboden worden; dan kunt u het uit gaan delen, en kunt u ervan nemen.’
Hij zei: ‘U kunt mijn ontslag accepteren, maar ik kan niet tegen mijn hart ingaan. Mijn moeder proefde altijd eerst, voordat ze het aan mij gaf. Als het echt heerlijk was gaf ze het aan mij; als het niet zo goed was dan ging ze het opnieuw maken. Ik kan niet wreed zijn tegen God. Ik houd van hem. Hoe kan ik hem iets aanbieden wat ik niet heb geproefd?’


Rasmani begreep dit ook. Ze was niet alleen wijs, ze was ook een vrouw. Maar het derde geval was erg moeilijk voor mensen, en dat was het volgende: als Ramakrishna bezig was een preek te houden, dan hield hij soms middenin de preek plotseling op — en zei dan: ‘Neem me niet kwalijk, ik kom zo weer terug.’
En dan ging hij naar de keuken om aan zijn vrouw Sharda te vragen: ‘Wat ben je vandaag aan het klaarmaken? Maak iets echt lekkers.’
Dit was te gek, zelfs Sharda was er op tegen, ze zei: ‘Dit kan niet – over God praten, en dan midden in het verhaal ineens aan eten denken, wat zullen de mensen wel niet denken – wat is dit voor man?’ 


De discipelen uit zijn naaste kring geloofden wel dat hij verlicht was, maar zelfs zij begonnen te twijfelen. Alles was oké, maar steeds die preek onderbreken, om bij zijn vrouw te gaan informeren… want de keuken was niet ver weg, dus iedereen kon horen wat hij allemaal vroeg. Als hij dan terugkwam, begon hij weer over God te preken. Ze zeiden: ‘Hier moet je mee stoppen. Het brengt je in opspraak.’
Hij moest er gewoon om lachen, en gaf verder geen antwoord.


Op een dag zei zijn vrouw: ‘Als je deze vraag niet beantwoordt, ga ik vandaag geen eten voor je maken; dan zullen we allemaal gaan vasten.’
Hij zei: ‘Als je dat persé wilt weten, kan ik het je wel vertellen. De dag dat ik geen interesse in eten heb, de dag dat ik niet meer geïnteresseerd ben in eten, onthoud dat, zijn er nog maar drie dagen over van mijn leven. Dit is de laatste draad, een erg dunne en fragiele, die me nog hier houdt.’ 


Zelfs als hij op bed lag te rusten, zodra zijn vrouw met het eten binnenkwam, sprong hij op – net als een klein kind – om gauw even naar het bord te kijken: ‘Wat heb je gemaakt?’ 

Zijn vrouw zei: ‘Gedraag je nou eens als een volwassene, je bent geen kind meer!’ 

Hij zei; ‘Wie kan dat hier nou zien? Maak je niet druk, zeg gewoon wat je klaargemaakt hebt. Je maakt zulke lekkere dingen dat ik daar het vaakst over mediteer. Maar onthoud het, de dag dat ik geen interesse meer heb zijn er nog maar drie dagen over.’


En op een dag gebeurde het, hij was aan het rusten, met zijn ogen naar de deur; zijn vrouw kwam binnen, en toen draaide hij zich naar de andere kant om. Normaal zou hij zijn opgesprongen, maar nu deed hij juist het tegenovergestelde. Het bord viel zijn vrouw uit haar handen. ‘Nog maar drie dagen?’ En precies op die dag werd ontdekt dat hij keelkanker had.


De volgende drie dagen was hij niet in staat om te eten of te drinken. Een van zijn naaste discipelen vroeg hem: ‘Jij bent zo dichtbij de bronnen van het leven, je kunt toch gewoon vragen om die kanker weg te halen? Als jij niet eet of drinkt, eet of drinkt niemand van jouw discipelen meer. Hoe zouden we dat kunnen?’ 

Toen ze er allemaal op stonden, zei hij: ‘Goed, ik zal het proberen. Maar het probleem is dat ik het vergeet zodra ik mijn ogen sluit, want de gedachten verdwijnen, en dan vergeet ik wat ik had moeten vragen. Maar ik zal mijn best doen.’


Het was de derde dag, de dag dat hij stierf. Hij sloot zijn ogen en zijn gezicht werd stralend. Hij glimlachte hoewel de pijn enorm was en hij deed zijn ogen open om zijn discipelen aan te kijken: ‘Ik heb het gevraagd, maar het antwoord wat ik kreeg was, “Nu, Ramakrishna, moet je eten met elke mond die van je houdt, je zou moeten drinken met elke mond die met jou verbonden is. Waarom dring je er op aan om maar één lichaam te hebben? Al deze lichamen van de mensen die van je houden zijn jouw lichamen.” Dus als je wilt dat enig voedsel mij zal bereiken, houd dan op met te vasten.’


Bedroefd zaten zijn discipelen die avond te eten, maar dat was de laatste. Ramakrishna kwam zijn kamer uit en het verheugde hem dat zijn discipelen zaten te eten. Maar hij zei: ‘Waarom zijn jullie verdrietig? Jullie kennen mij, ik houd van eten. Als jullie namens mij eten, gedraag je dan ook als mij.’

Hij maakte ze aan het lachen en liet ze blij zijn in een situatie dat ze vol tranen waren – omdat het de derde dag was, en in de avond zou Ramakrishna weg zijn, zou hij dood zijn.

Net voordat hij stierf zei hij tegen Sharda en zijn discipelen: ‘Ik verlaat slechts het lichaam, niemand zou moeten zeggen dat Ramakrishna dood is. Ik zal hier zijn, en jullie moeten je in deze kamer net zo gedragen als jullie dat in mijn bijzijn doen – met dezelfde liefde, met hetzelfde respect, met dezelfde dankbaarheid, met dezelfde vreugde.’
Hij zei tegen zijn vrouw: ‘Je hoeft geen weduwe te zijn, want ik ga niet dood, ik ga alleen maar over van lichaam naar lichaam-loosheid. Nu zal het makkelijker voor me zijn om in jullie allemaal te zijn, waar jullie ook zijn.’


Karunesh, jouw handen zijn mijn handen, en jouw ogen zijn mijn ogen, en alleen als dit gebeurt ga je van discipel zijn over naar de status van een toegewijde. Dus wat je voelt is helemaal juist. Ik praat tegen je alleen maar om je bezig te houden zodat ik op andere manieren op je kan werken, op je hart. Het is spirituele operatie. Als je niet stil bent, rustig, kalm, gewoon geabsorbeerd in het naar me luisteren, kan ik het subtiele werk niet doen. Mijn praten is niets anders dan anesthesie.

Video op Osho TV: The Razor’s Edge #24 vraag 1
Vertaling: The Razor’s Edge # 24

Afbeelding van Drishti IAS.

Liefde is de steen der wijzen


Als je eet, eet dan met liefde; want wat je eet is God.
Als je loopt, loop dan met liefde;
want je loopt op de aarde, op heilige grond.

Als je je wast, doe dat dan met diepe toewijding,
met liefde en respect voor je lichaam,
want dit is niet jouw lichaam, het is het lichaam van God;
het is Zijn tempel.

Zo zullen de kleine dingen in het leven die geen betekenis hadden,
enorm veel waarde krijgen.
En wanneer de kleine dingetjes betekenis krijgen,
zijn ze niet langer klein: je hebt ze in grote dingen veranderd. 

Het is aan jou om een klein en onbeduidend leven te leiden,
of een groots leven:
als je zonder liefde leeft, zul je een heel klein leven leiden.
Als je met liefde leeft, door liefde, zul je een groots leven hebben,
want liefde maakt alles groots.

Liefde is de steen der wijzen:
alles wat ze aanraakt, verandert in goud.

Osho

Image by Svetlana from Pixabay.

Sagarpriya, liefde voor de oceaan

Amar Leela, van Star Sapphire in Ravenna, Italië, schreef op 2 januari:

Our beloved friend and teacher Sagarpriya, left her body yesterday.
She was at peace and ready to go…
…the energy around her body was peaceful, and her face too…
It had been just a moment, and she left her body…

Op 11 januari was er een mooi afscheid via Zoom waar vele vrienden dierbare herinneringen ophaalden. Ze heeft jarenlang mensen getraind in Psychic Massage, in Osho’s Mystery School in Pune en later in vele plaatsen over de hele wereld. De laatste jaren leefde ze in Imola, Italië. Een echte ‘Osho lover’, ze hield van de oceaan.

Meer: Psychische massage.
In dit boek wordt een bepaalde vorm van massage beschreven, die de mens in zijn totaliteit als uitgangspunt neemt en hem juist in zijn totaliteit probeert te brengen tot een diepe ontspanning.