Onlangs ontving ik een lange brief uit Nederland van een van onze mooiste sannyasins, Amrito. Hij was op bezoek geweest bij J. Krishnamurti, en J. Krishnamurti gedraagt zich bijna als een stier wanneer hij mijn sannyasins ziet. De rode kleur… en hij raakt gewoon al zijn verlichting kwijt! Daarom heb ik in Spanje zo weinig sannyasins: de stieren houden er niet van!
Zodra hij Amrito zag in zijn sannyasin-kleding, werd hij woedend. Anderhalf uur lang sprak hij onafgebroken tegen het vastklampen aan de meester. Amrito moest erom lachen – waarom was hij zo van streek? Hij zag zijn liefde, zijn mededogen, zijn poging om hem te helpen, maar hij voelde ook dat er meer aan de hand was; hij kon maar niet achterhalen wat het was. Wat hij niet kon doorgronden, is J. Krishnamurti’s vastklampen aan het idee van niet-vastklampen. Hij neemt het nog steeds heel serieus.
Mijn sannyas is iets onserieus; het is echt heel luchthartig. Het wordt gegeven in liefde en lachen en het wordt ontvangen in liefde en lachen. Het is niet het oude idee van sannyas – van serieuze mensen, anti-leven, anti-liefde, die de wereld proberen te ontvluchten. Het is helemaal niet escapistisch. Integendeel, ik leer mijn mensen om IN de wereld te ZIJN – en zo volledig mogelijk, zo hartstochtelijk mogelijk en zo intens mogelijk.
Maar Krishnamurti heeft zijn hele lange leven een wond met zich meegedragen. Hij is door theosofen opgevoed en vanaf zijn vroege kindertijd kreeg hij duizend-en-één regels aangeleerd, omdat ze hem opvoedden met een bepaald idee: dat hij de Wereldleraar zou worden, dat hij de nieuwe Christus zou worden, de Messias, dat de wereld door hem verlost zou worden – hij is geen gewoon mens.
Ze waren hem aan het voorbereiden om een voertuig te zijn, zodat God in hem kon neerdalen en hij een spreekbuis voor God kon worden. Natuurlijk was er daarvoor enorm veel discipline nodig en werd hij bijna gemarteld.
Het waren twee broers, Krishnamurti en Nityananda; ze werden allebei voorbereid. Nityananda overleed – en volgens mij is hij gestorven door te veel discipline: vasten, yoga en al die occulte en esoterische processen die ze moesten doorlopen.
Ze waren nog heel jong, heel kwetsbaar. Krishnamurti was pas negen jaar oud. Ze moesten vroeg opstaan, om drie uur ’s ochtends, en dan begon de training. En de man die de leiding had, Leadbeater, was een harde leermeester. Hij was niet alleen een harde leermeester, hij was ook homoseksueel. En het is een bekend feit dat zijn interesse in kleine kinderen in wezen seksueel was. Hij is ook in zeer compromitterende houdingen met Krishnamurti aangetroffen!
Die wonden zijn gebleven. Krishnamurti kan het Leadbeater niet vergeven. Er is een halve eeuw voorbijgegaan, of meer; Leadbeater is dood, de hele theosofische beweging is dood, maar die littekens van meester-leerling relatie, van training, overgave, gehoorzaamheid, hebben Krishnamurti nog niet losgelaten. Ze zijn met het verstrijken van de tijd heel subtiel geworden. Al bijna vijftig jaar vecht hij tegen spoken die niet meer bestaan. Hij blijft in de lucht boksen met spoken die geen bestaan meer hebben.
Mijn sannyas en mijn bestaan zijn zo nieuw voor hem dat hij het niet kan bevatten – hij heeft geen enkele moeite gedaan om er iets van te begrijpen. Anderhalf uur lang bleef hij op Amrito inhameren: ‘Dit is het gevaarlijkste wat je ooit hebt gedaan. Word nooit de leerling van iemand Klamp je niet vast aan een meester!
Amrito (Jan Foudraine)
Amrito herinnerde hem er verschillende keren beleefd aan: ‘Ik klamp me aan niemand vast. En mijn meester is geen voorstander van vastklampen: hij geeft ons totale vrijheid. Het is uit vrijheid dat we bij hem zijn, en zodra we besluiten om niet meer bij hem te zijn… creëert hij daar geen enkel schuldgevoel over.’
Hij wil maar niet luisteren. Hij kan dit nieuwe fenomeen niet begrijpen: een nieuw soort relatie tussen de meester en de discipel, een relatie die geen enkele vorm van afhankelijkheid inhoudt. Jullie klampen je niet aan mij vast, jullie zijn niet door mij geknecht. Wat ik hier probeer te doen, is jullie te helpen om vrij te zijn, volledig vrij. Ik ben onderdeel van die vrijheid. Jullie moeten vrij zijn van alles, en ik ben onderdeel van dat alles.
En als jullie nog steeds bij mij zijn, is dat niet omdat jullie afhankelijk van mij zijn; het is omdat jullie dankbaar zijn voor zo’n vrijheid. Wie zou er niet houden van een relatie die in wezen geworteld is in vrijheid?
Een relatie wordt lelijk wanneer ze je niet toestaat vrij te zijn, wanneer ze je opsluit, wanneer ze je vleugels afsnijdt, wanneer ze je ziel ketent, wanneer ze je niet toestaat jezelf te zijn. Ik leg je geen enkele regel op, ik dring je geen enkele discipline op. Mijn enige boodschap is er een van liefde, vrijheid en bewustzijn.
Maar Krishnamurti was volkomen doof. Amrito schrijft me dat ‘ik met hoofdpijn weer naar buiten kwam’. Dat is logisch – Krishnamurti lijdt zelf aan hoofdpijn! Al vijftig jaar lang lijdt hij onafgebroken aan hoofdpijn, zware hoofdpijn, niet alledaags; dagenlang houdt het aan. Soms wordt het zo heftig dat hij met zijn hoofd tegen de muur wil bonken!
En dat komt omdat hij alles heeft losgelaten – zoals jij zegt, Virago – maar nu is er een nieuwe gehechtheid in hem ontstaan, de gehechtheid aan onthechting, het vastklampen aan niet-vastklampen. Hij heeft de staat van no-mind bereikt, maar hij is niet in staat geweest dat IDEE van no-mind los te laten.
En het idee van no-mind laten vallen en vervolgens gehecht raken aan het niet-no-mind zal niet helpen. Het is hetzelfde spelletje! Het wordt steeds subtieler, en hoe subtieler het is, hoe gevaarlijker, omdat je het niet zult kunnen zien. Het zal zo diep in je gaan zitten dat je bewustzijn het niet zal kunnen bereiken. Het zal je bron zelf vergiftigen.
…
Ik heb in mijn leven nog nooit één gehechtheid losgelaten. Ik heb ze helemaal doorgrond, en door ze helemaal te doorgronden gebeurt het wonder: plotseling merk je dat de gehechtheden niet langer bindend zijn. Ze zijn er nog wel, maar zo ver weg als de horizon, en net zo onbestaand als de horizon. Ze binden je niet langer. Je kunt in de wereld LEVEN en toch ben je niet VAN de wereld.
En dat is mijn hele visie op sannyas. Wees een lotusblad: in het meer en toch onberoerd door het water. Dan is er geen vicieuze cirkel. Jij creëert de vicieuze cirkel, en dan vraag je hoe je die kunt overstijgen. En elke poging om die te overstijgen zal hem keer op keer opnieuw creëren.
Mijn bescheiden suggestie is: begin alsjeblieft niet aan dat stomme gedoe! Het is beter om er niet aan te beginnen. Als je er eenmaal aan begint, is het bijna onmogelijk om er vanaf te komen.
Osho: Theologia Mystica #2 vraag 2
Meer: Wees een lotusblad
Image by Rudi Arlt from Pixabay.



