De zogenaamde wijzen zijn onwetend, besluiteloos en verward

Een Soefi verhaal: De filosofen, logici en rechtsgeleerden werden aan het hof opgesteld om Mulla Nasruddin te ondervragen. Dit was een ernstige zaak, want hij had toegegeven dat hij van dorp naar dorp was rondgegaan om te vertellen:
‘De zogenaamde wijzen zijn onwetend, besluiteloos en verward.’
Hij werd ervan beschuldigd de staatsveiligheid te ondermijnen.

   Mulla Nasruddin

‘U mag eerst spreken,’ zei de koning.
‘Laat papier en pennen brengen,’ zei de Mulla.
Papier en pennen werden gebracht.
‘Geef er een paar aan elk van de eerste zeven geleerden.’
Ze werden uitgedeeld.
‘Laat ze ieder voor zich een antwoord op deze vraag schrijven: “Wat is brood?”‘
Dit werd gedaan. De papieren werden aan de koning overhandigd, die ze voorlas.

De eerste had gezegd: ‘Brood is een voedingsmiddel.’
De tweede: ‘Het bestaat uit meel en water.’
De derde: ‘Een geschenk van God.’
De vierde: ‘Gebakken deeg.’
De vijfde: ‘Veranderlijk, afhankelijk van wat je met “brood” bedoelt.’
De zesde: ‘Een voedzame substantie.’
De zevende: ‘Niemand weet het echt.’
Nasruddin: ‘Als ze eruit komen wat brood is, kunnen ze ook over andere dingen beslissen. Bijvoorbeeld of ik gelijk heb of niet. Kun je aan dit soort mensen zaken toevertrouwen als inschatting en oordeel? Is het niet vreemd dat ze het niet eens kunnen worden over iets wat ze elke dag eten, en toch eensgezind van mening zijn dat ik een ketter ben?’

Ja, dat is de situatie van jullie zogenaamde filosofen, theologen, rechtsgeleerden: de geleerde mensen. Het zijn papegaaien. Ze kennen zichzelf nog niet eens – wat kunnen nog meer weten?
Ze kennen zichzelf niet eens – hoe kunnen ze dan anderen kennen? Ze hebben het mysterie dat ze zelf zijn nog niet ontrafeld. Je eigen mysterie is het dichtstbij. Als je dat zelfs niet kent, hoe kun je dan het mysterie van anderen kennen? Die mysteries liggen verder van je af, ze zijn ver weg. Je eigen mysterie is het gemakkelijkst te benaderen. De reis moet van daaruit beginnen.

De geleerde mensen – de pandits, de geleerden, de professoren – zijn alleen maar beter geïnformeerd. Maar informatie maakt niemand wijs. Ja, het helpt je om wijsheid te pretenderen. Het wordt een camouflage; het is een façade waarachter je je onwetendheid kunt verbergen. Maar de onwetendheid wordt er niet door vernietigd – integendeel, die wordt erdoor beschermd.
Je kennis wordt een verdediging; het is een beveiliging voor je onwetendheid. Het is voeding. Je wordt je er volledig onbewust van dat je onwetend bent: dat is het doel van je zogenaamde kennis. En dat is gevaarlijk. Als je je er niet van bewust bent dat je ziek bent, dan is er geen mogelijkheid om naar gezondheid te zoeken. Als je je niet bewust bent van het feit dat je fundamenteel onwetend bent, hoe kun je dan ooit verlicht raken?

Als je vergeten bent dat je innerlijk vol duisternis is, zul je niet naar licht gaan zoeken. Je zult er niet voor werken om licht te creëren. Als je al geaccepteerd hebt dat je het weet, wat heeft het dan voor zin om op een avontuur uit te gaan om te gaan weten?
En dat is wat jullie zogenaamde kennis blijft doen. Het verandert de onwetende persoon niet in een wetende persoon; het geeft alleen maar een illusie van kennis. Het is een luchtspiegeling. Het is een droom waarin je wijs wordt. Maar in werkelijkheid blijf je dezelfde.

Meer: Unio Mystica Vol. 1 #3 deel 1