De timmerman en het tafeltje voor de koning

Alles wat de Aarde overkomt, overkomt ook de zonen en dochters van de Aarde.
 
Er was eens een wetenschapper die bij me kwam logeren. Ik hou van een wilde tuin, dus ik had een prachtige jungle om mijn huis heen. Die wetenschapper zei: ‘Besef je wel waar je mee bezig bent? Als je deze bomen zo dicht bij je huis laat groeien overwoekeren ze straks je hele huis. Het zijn gevaarlijke dingen. Het is een voortdurende strijd tussen de mens en de bomen. Als je ze niet weert dringen ze over een paar jaar binnen in je muren en maken ze je huis kapot.’ Hij zei: ‘Ik haat bomen.’ 
Zo is de houding van de mens altijd geweest: kapotmaken. Als je die houding aanneemt wordt alles vijandig, zelfs arme bomen, onschuldige bomen. Er zit wel een kern van waarheid in, dus kun je daar je redenering op gaan bouwen. Ja het klopt dat bomen je steden en je huizen zullen overwoekeren als je ze helemaal vrijlaat om te groeien. Dat is waar, dat is een feit. Maar om je hele leven nou op zo’n feitje te bouwen en er een filosofie van maken, dat klopt niet.

Iets anders is evenzeer een feit als dit – wij bestaan met de bomen. Maak alle bomen kapot en je gaat dood. Jij ademt zuurstof in, bomen ademen zuurstof uit. Jij ademt kooldioxide uit, bomen ademen kooldioxide in.
Dus als je omringd bent door bomen, leef je meer. Dat is niet alleen maar poëzie. ‘Als je een jungle ingaat en er een groot gejubel opstijgt in je hart, voel je ineens veel meer leven, alsof het groen jou ook groen maakt.’ Dat is niet alleen maar poëzie, het is pure wetenschap. Dat komt omdat er meer zuurstof is, er meer leven overal om je heen pulseert, meer vitaliteit. En als je die zuurstof inademt wordt je bloed gezuiverd. Je kunt de gifstoffen er makkelijker uitgooien en dan leef je op je top.
 
Er is dus sprake van een deelgenootschap met de bomen: zij nemen je gif op en zuiveren dat en maken zuurstof voor jou. Jij neemt zuurstof op, jij gebruikt zuurstof en gooit kooldioxide eruit. Bomen gebruiken kooldioxide als voedsel. Dus is er absoluut sprake van een deelgenootschap. De mens kan niet zonder bomen leven en bomen kunnen niet zonder de mens leven.

Dieren zijn nodig voor bomen en bomen zijn nodig voor dieren. Ze staan niet los van elkaar, ze maken deel uit van een en hetzelfde ritme. Dat is ook een feit. En het leven moet dat niet uit de weg gaan. Je moet de totaliteit ervan begrijpen. En je moet zo leven dat geen enkel losstaand feit het geheel wordt, of dat pretendeert te worden. Kapot maken is niet nodig. Vechten is niet nodig. Dat is de benadering van Tao, dat is de benadering van het Soefisme, van Zen.
 

Er is een beroemde zen verhaal…
Een koning zei tegen zijn oude timmerman dat hij graag een bepaald tafeltje wilde hebben. De oude man zei: ‘Ik ben wel erg oud maar mijn zoon is er nog niet klaar voor. Hij leert het beetje bij beetje. Maar ik zal het wel proberen, ik ga mijn best doen. Geef me even de tijd.’
De oude man verdween drie dagen lang het bos in. Drie dagen later kwam hij terug.
De koning vroeg: ‘Drie dagen heeft u nodig om wat hout te halen voor het tafeltje?’
De oude timmerman zei: ‘Soms duurt het drie dagen, soms drie maanden. En soms vind je het hout in geen drie jaar. Het is een hele kunst.’
De koning stond voor een raadsel. Hij zei: ‘Leg eens uit. Wat bedoelt u? Leg het eens precies uit.’
Toen zei de man: ‘Eerst moet ik gaan vasten, want alleen als ik vast gaat mijn mind, beetje bij beetje, wat langzamer. Als mijn mind langzamer gaat, verdwijnen alle gedachten, verdwijnt alle agressie. Dan ben ik niet meer gewelddadig, dan heerst er zuivere compassie en liefde, een heel andere vibratie. Als ik die vibratie van no-mind voel, dan ga ik pas het bos in, want alleen door die vibratie kan ik de juiste boom vinden. Hoe kun je nou met agressie de juiste boom vinden? En ik moet het aan de bomen zelf vragen of een van hen bereid is om een tafeltje te worden. Ik ga, ik kijk rond en als ik voel dat deze boom wel iets wil…
Ik kan die bereidheid alleen voelen als ik no-mind heb. Eerst vasten dus, mediteren, en als ik helemaal leeg ben geworden, zwerf ik gewoon rond bij de bomen om een bepaald gevoel te krijgen. Als ik voel dat het met deze boom klopt, ga ik ernaast zitten en vraag ik om zijn toestemming: “Ik ga een tak van je afkappen. Ben je daartoe bereid?” Alleen als de boom met heel zijn hart ja zegt kap ik wat af. Wie ben ik anders om zijn tak af te kappen?’


Dat is nou een totaal andere benadering. Er is geen strijd tussen mens en boom, er is vriendschap. De mens probeert in rapport te vallen met de bomen en hij vraagt om hun toestemming.
Voor een westerse mind is dit absurd. De westerse mind zegt: ‘Wat klets je nou voor onzin? Aan een boom vragen? Ben je gek geworden? En hoe kan een boom nou ja of nee zeggen?’ Maar tegenwoordig wordt zelfs de westerse wetenschap zich ervan bewust dat een boom ja of nee kan zeggen. Tegenwoordig heb je geavanceerde instrumenten die de stemmingen van een boom kunnen detecteren, of een boom bereid is of niet, of een boom gelukkig is of niet. Nu zijn er geraffineerde instrumenten ontwikkeld, net zoals een cardiogram. Je kunt een cardiogram van een boom maken. Elektronische instrumenten kunnen de stemming van een boom peilen.
Als een houthakker bij een boom komt begint de boom te trillen van angst, is hij verdrietig, bang, klampt ze zich vast aan het leven. Geen enkele Taoïst zal een boom in zo’n toestand omhakken, nee, helemaal niet. Wie zijn wij als een boom dat niet wil? Een boom kan alleen worden gekapt als hij uit zichzelf bereid is om te delen.
Dit tafeltje zal nou van een andere kwaliteit zijn. Het is door de boom gegeven, het is niet van hem afgenomen. De boom is niet beroofd, hij is niet overwonnen. Het is niet zo moeilijk om te snappen dat dit tafeltje een andere vibratie zal hebben.

Er zal iets sacraals omheen hangen. Als je dit tafeltje in je kamer zet schep je een bepaalde sfeer om het tafeltje heen wat je met andere tafeltjes niet zou kunnen. Het zal daar vriendschap met je sluiten omdat jij er vriendschap mee hebt gesloten. Het zal er als deel van je familie staan, niet als een ledemaat wat je van een vijand hebt afgehakt.  
De westerse mind is veel te agressief geweest tegen zichzelf en tegen de natuur. Ze heeft een schizofrenie gecreëerd tegen mensen, ze heeft politiek, oorlog gecreëerd en ze heeft de ecologische crisis gecreëerd. En nu is men ook tot het uiterste gegaan. Of de mens moet op zijn schreden terugkeren en de westerse agressieve houding laten varen of de mens moet zich op gaan maken om deze planeet gedag te zeggen. Deze planeet kan de mens niet langer tolereren, ze heeft hem al lang genoeg getolereerd.
 
Osho, Sufis: The People of the Path, Vol. 2, pp. 112-115.
Uit de serie 1001 verhalen, verzameld door Shanti.
Eerder verschenen in het Engels in Osho News, www.oshonews.com

Afbeeldingen: 

http://www.thesacredscience.com/sacred-medicinal-trees-of-north-america/
https://realrest.wordpress.com/2012/10/31/the-earth-does-not-belong-to-man-man-belongs-to-the-earth/
https://nl.pinterest.com/pin/317503842449809920/